Boekgegevens
Titel: De bloemlezing uit Nederlandsche prozaschrijvers
Deel: 6e stuk Van C.E. van Koetsveld tot A.S.C. Wallis / verz. door J. ten Brink
Auteur: Kampen, Nicolaas Godfried van; Veegens, Daniel; Brink, Jan ten
Uitgave: Amsterdam: P.N. van Kampen & zoon, 1882
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1091 J 11 (6)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203664
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De bloemlezing uit Nederlandsche prozaschrijvers
Vorige scan Volgende scanScanned page
89
andere Duitschers. De fraai uitgedoste afgevaardigde van
Marburg, de hoogleeraar E. A. Hermann, bracht een
door hem vervaardigd uitvoerig gedicht ter eere van de
beroemde Leidsche Academie, verzen waarin geheel de ge-
schiedenis van 't beleg en- van 't ontzet van Leiden en van
de belooning der zegepraal door Willem van Oranje was ver-
meld , en waarin voorts al de roem en glans der Academie
werd bezongen.
Daar verschijnt de Rector van Bonn in zijn purpe-
ren mantel en brengt als feestgave een verhandeling
van den decaan zijner litterarische faculteit, een feest-
gave vol lof voor de Leidsche Academie, „die in gram-
matica en Philologie de meesteres was van Europa en
tot op dezen dag nooit den ouden roem zich onwaar-
dig heeft betoond." — Dan zien wij den uitstekenden
jurist Ihering met Henle uit Göttingen komen; —
Seeger en Diestel volgen uit Tübingen; — de orien-
talist ISöldeke en de vroegere Utrechtsche hoogleeraar
Gusserow roepen beiden den naam van Straatsburg in her-
innering ; — straks (wij kunnen geen zweem van orde meer
handhaven) is het professor Kahnis uit Leipzig, die der
faculteit der theologie in Leiden een langen duur toe-
wenscht, daar Leiden's Academie uit die faculteit der the-
ologie als 't ware is ontstaan ; — Caspiiry uit Koningsbergen
jpreekt dan zijn heilgroet; — Erlangen is hier vertegenwoor-
digd door den vroegeren Leidschen professor Selenka ; —
Ludemann van Kiel uit hartelijke woorden; — Würzburg
wil zich spiegelen aan het voorbeeld van Leiden, en kon-
digt bij monde van professor Ulrichs aan, dat zijn eeuw-
feest niet zoo verre meer af is; — wij kunnen de namen
haast niet meer volgen, nu Vullers uit Giessen, Grohe
uit Greisowald, en Keil uit Halle zich aanmelden; wij
merken nog slechts op, dat de professor der theologie
Pfleiderer uit Jena een monumentaal gesteld getuigschrift
aan de Vries overhandigt; —den Heidelbergschen wijsgeer
Kuno Fischer zien wij onder die allen zich bewegen ; —
als oude bekenden , die wij reeds meer in Holland zagen ,
vrienden van Donders , begroeten wij in hun gang naar de
tafel, de Ophthalmologen Esmarch uit Kiel en von Zehender
uit Rostock; — eindelijk bemerken wij de twee gasten uit
München, die ieder Hollander de hand zou willen druk-
ken : Cornelius, om zijn voortreffelijke studiën der Holland-
sche Wederdoopers : Riehl, omdat hij ons het woud weder
heeft voorgeschilderd zooals onze Ruysdael dat wist te