Boekgegevens
Titel: Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Auteur: Steynis, J.
Uitgave: Rotterdam: W.L. Stoeller, 1866
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 G 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203641
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Vorige scan Volgende scanScanned page
81
cirkel, met de pool naar het Noorden, dan zijn de noordpoollanden
van licht beroofd. De winter begint op het noordelijk halfrond.
Vraagstuk XXIV. Toon aan dat twee plaatsen onder denzelfden
parallelcirkel alleen dan oostelijk of westelijk van elkander liggen,
als zij onder de linie gelegen zijn.
Oplossing. Breng eenige plaats van gemiddelde breedte in het
toppunt. Schroef daar den algemeenen verticaalcirkel vast, en leg
hem langs het oost- of het westpunt, dan zullen alle plaatsen onder
dien verticaalcirkel oostelijk of westelijk van het toppunt liggen ,
maar geenszins op dezelfden parallel gelegen zijn.
Vraagstuk XXV. Welken weg zal men volgen moeten, om van
een gegeven pnnt uitgaande, alle meridianen onder eenen zekeren
scheeven hoek te snijden, of wat hetzelfde is, van punt tot punt
naar eene bepaalde streek van den horizon te reizen.
Oplossing. Breng die plaats in het toppunt. Schroef den alge-
meenen verticaalcirkel daar vast, leg hem in de gegevene rigting
op den bol, en zie waar hij een volgenden meridiaan snijdt. Breng
dat punt weder in het toppunt en handel als boven. Nu zal men
zien, na op gelijke wijze een en andermaal gehandeld te hebben,
dat de gevolgde weg meer en meer gedurig tot de pool blijft na-
deren. — De lijn, die alle meridianen onder gelijke hoeken snijdt,
is dus eene lijn van dubbele kromming en wordt de loxodromische
lijn of scheejloopende lijn genoemd.
Vraagstuk XXVL Welke rigting zal men moeten nemen om,
van eenig punt op gemiddelde breedte gelegen uitgaande, alle meri-
dianeu onder regte hoeken te snijden.
Oplossing. Breng de plaats in het toppunt. Schroef daar den
algemeenen verticaalcirkel vast, en leg dien in de rigting van het
oost- of het westpunt van den algemeenen horizon, dan zal men
zien dat het vlak van den algemeenen verticaalcirkel regthoekig op
dat van den algemeenen meridiaan staat, en in het toppunt den
parallelcirkel van de plaats raakt. Voor elk punt van die breedte is dus
die rigting hetzelfde, zoodat men van punt tot pnnt oostelijk of weste-
lijk gaande den parallelcirkel van de plaats van vertrek zal volgen.
i. vraagstukken voor de hemelglobe.
Vraagstuk XXVII. Stel de hemelglobe naar de poolshoogte en
de hemelstreken van eene bepaalde plaats.
6