Boekgegevens
Titel: Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Auteur: Steynis, J.
Uitgave: Rotterdam: W.L. Stoeller, 1866
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 G 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203641
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Vorige scan Volgende scanScanned page
-53
ligt in het vlak van de ekliptika, en dus vormt de as der Aarde
eenen hoek van omstreeks 66°32' met het vlak van de baan, welke de
Aarde om de Zon beschrijft. — Bij die beweging is de as der Aarde,
behoudens de wijzigingen, die wij in (41) leerden kennen, steeds
naar hetzelfde punt van het hemelgewelf of naar de pool des hemels
gerigt. — Beweegt zich de Aarde op de genoemde wijze om de Zon,
dan laten zich de verandering van de declinatie der Zon en de af-
wisseling der saizoenen, alsmede andere genoemde verschijnselen, die
met de insolatie in verband staan, gemakkelijk verklaren.
In fig. 26, toch is de as der Aarde in elk van hare vier standplaatsen
evenwijdig aan zich zelve geplaatst en dus op hetzelfde punt aan
het hemelgewelf gerigt, terwijl haar middelpunt en dat van de Zon
Z in het vlak van de ekliptika liggen, en haar aequator met dat
vlak eenen hoek van ongeveer 2'ói graad maakt. — Bevindt zich
nu de Aar(Je bij dan raken de zonnestralen den omtrek der
Aarde bij de polen, zoodat het middelpunt van de Zon verticaal
boven eenig punt van de linie ligt. Dag en nacht zijn dan over
de geheele Aarde even lang, en aan de polen wordt de Zon gedu-
rende 24 uren in den horizon gezien.
Begeeft zich nu de Aarde meer naar het punt dan wordt de
declinatie van de Zon noordelijk, en bij dat punt zal het middel-
punt van de Zon verticaal staan boven een punt van den noordelij-
ken keerkring. Voor de noordpool der Aarde staat de Zon ongeveer
23°28' boven den horizon; de zuidpool is geheel van den regtstreek-
schen invloed van haar licht beroofd.
Is de Aarde bij V, dan raken de zonnestralen het oppervlak der
Aarde weder bij de polen, en de Zon is weder verticaal boven een
punt in de linie.
Is de Aarde bij het punt 35, dan vallen de zonnestralen verticaal
op een punt van den zuidelijken keerkring.. De zuidpool heeft de
Zon 23°28' boven den horizon, en de noordpool is geheel versto-
ii ken van den regtstreekschen invloed van de zonnestralen.
Het is dus duidelijk dat ten gevolge van deze beweging van de
,1 Aarde om de Zon de schijnbare beweging van de Zon in de eklip-
li tika verklaard wordt, en dat de verandering van hare declinatie een
a gevolg is van den scheeven stand van de as der Aarde ten opzigte
van de ekliptika.
De Aarde zal dus van 21 Maart tot 22 Junij afleggen het gedeelte van