Boekgegevens
Titel: Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Auteur: Steynis, J.
Uitgave: Rotterdam: W.L. Stoeller, 1866
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 G 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203641
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Vorige scan Volgende scanScanned page
-48
Breedte Langste dag Breedte 1 i Langste dag i Breedte i Langste dag
0 grad. 12u 0' 25 grad. 13''34' 50 grad. 16" 9'
5 „ 12 17 30 „ 13 56 55 „ 17 7
10 „ 12 35 35 „ 14 26 60 „ 18 30
15 „ 12 53 40 „ 14 51 65 „ 21 9
20 „ 13 13 45 „ 15 26 66i „ 24 0
Het is duidelijlc dat voor die breedten de kortste dag gelijk zal
zijn aan de lengte van den nacht, die bij den längsten dag behoort,
en dus gevonden wordt door de opgegevene uren van 24 uren af
te trekken.
Reeds hebben wij boven gezien, dat voor de polen de Zon een
half jaar boven den horizon is, dat zij op 21 Junij ook voorplaat-
sen onder den poolcirkel niet kan ondergaan. Plaatsen, die dus
tusschen de gelijknamige polen en poolcirkels liggen, zullen alzoo
eenige dagen hebben, gedurende welke de Zon niet onder gaat. —
Hier volgt eene opgaaf van de geheele dagen, gedurende welke de
ZoH voor verschillende breedten niet ondergaat of niet opgaat.
Noorder- Breedte De Zon boven den horizon De Zon onder den horizon Noorder- Breedte De Zon boven den horizon De Zon onder den liorizon
66^ grad. ] dag. Idag. 1 80 grad. 134 dag. 127 dag.
70 „ 65 „ 60 „ 85 „ 161 „ 153 „
75 „ 103 „ 97 „ 1 90 „ 186 „ 179 „
Reeds uit (33) is gebleken dat de Zon om het noordelijke deel
van de ekliptika te doorloopen 7 dagen meer behoeft dan om het
zuidelijke deel af te leggen. Voor plaatsen op zuidcr-breedte zal
daarom ook de Zon minder lang boven den horizon blijven, dan op
plaatsen van gelijke noorder-breedte. — Wil men weten hoe lang