Boekgegevens
Titel: Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Auteur: Steynis, J.
Uitgave: Rotterdam: W.L. Stoeller, 1866
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 G 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203641
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Vorige scan Volgende scanScanned page
28
5°. De rigting der passaatwinden, die wij als grond voor de waar-
schijnlijke aswenteling van de Aarde zouden kunnen aanvoeren, zal
in een ander onderdeel van dit werk gevoegelijker te bespreken zijn.
6°. Vebschil in lengte, van den seconde-slinger. Het is
meermalen gebleken dat een slingeruurwerk, dat op eenige plaats
naanwkeurig gaat, achter blijft wanneer het gebragt wordt naar eene
plaats, die digter bij de linie gelegen is, en dat dus, om denjuisteu
gang te heratellen, de slinger moet ingekort worden. Brengt meu
echter het uurwerk naar de eerste plaats weder terug, dan moet de
slinger, als het uurwerk goed zal gaan, weder op zijne vorige lengte
gebragt worden. — In de Mechanica (*) wordt geleerd dat de slin-
gertijd t van eenen enkelvoudigen slinger, welks lengte 1 is, op
eenige plaats, waar de versnelling van een vrij vallend ligchaam g
is, uitgedrukt wordt door de formule
g
Hieruit volgt, als t = 1 seconde is,
n'
Door deze uitdrukking nu is de waarde van de lengte van den
secondeslinger bekend, als men naanwkeurig de waarde van g be-
paald heeft, of omgekeerd kan de waarde van g volkomen bepaald
worden, als men de lengte van den secondeslinger naanwkeurig
heeft gevonden, en tevens blijkt hieruit dat de lengten 1 en 1' van
twee secondeslingers evenredig zijn met de waarden van g en g'
voor de plaatsen, waar zij opgehangen zijn.
De waarden van g en g' of de versnellingen der zwaartekracht
voor verschillende plaatsen zijn, wanneer de Aarde geene asbewe-
ging had, omgekeerd evenredig met de vierkanten van de afstanden
van die plaatsen tot het middelpunt der Aarde (••).
Door proefneming is gebleken, dat de lengte van den seconde-
slinger in de nabijheid van de linie op O'l'Sl' Zuiderbreedte gelijk
0,99113 el en te Stockholm op eene breedte van 59°20'43" gelijk
0,99492 el is. — Als nu onder den evenaar de versnelling van een
(♦) Steyn Parvé, N&tuurk., bladz. 83, en Steynis Mechanica, bladz. 133.
(*■•) Zie mij ne Oefeningen en Vraagst. over de Natuurkunde, bladz. 40
eu 41.