Boekgegevens
Titel: Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Auteur: Steynis, J.
Uitgave: Rotterdam: W.L. Stoeller, 1866
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 G 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203641
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Vorige scan Volgende scanScanned page
20
Ab, en boog Ab grooter dan tweemaal boog Ac is, zoodat het
voldoende blijkt, dat de grootte der aardrijkskundige breedtegraden
bij eene aan de polen afgeplatte Aarde moet toenemen.
Uit het behandelde blijkt tevens dat, ingeval de Aarde aan de
polen afgeplat is, de verticalen van de polen en van de plaatsen
onder de linie alleen door het middelpunt gaan, maar dat die
van c, b en a, welke in M'", M" en M' de aardas snijden, des
te verder haar snijpunt met de aardas van het middelpunt zullen
zien verschuiven, naarmate de breedte toeneemt. — En zoo is dan
ook de hoek bMA, dien het vlak van den aequator maakt met eene
lijn bM, die van eenige plaats b naar het middelpunt der Aarde
getrokken wordt, of de middelpmtsireedk (geocentritche breedte) VXti-
ner dan de aardrijkskundige breedte van die plaats.
De graadmetingen, welke in het laatst der vorige eeuw in het
werk gesteld zijn in verschillende streken van de Aarde, hebben
duidelijk bewezen dat de grootte der breedte-graden naar de polen
toeneemt, en dat dus Newton gelijk had, toen hij beweerde dat de
Aarde aan de polen afgeplat is.
Uit die metingen geven wij het volgende overzigt, met opgave van de
landen waarin en de gemiddelde breedte waarop de meting geschied is.
Landen. Geniidd. breedte. Lengte van 1 breedtegraad.
Peru 1° 13' 0" 56736 ellen.
Indië 12° 32' 21" 56899
Prankrijk 45° 4' 8" 57010 „
Engeland 52° 35' 40" 57075
Lapland 66° 20' 10" 57201 „
Hieruit blijkt, dat de afplatting echter niet belangrijk is: want
het verschil in lengte van één breedte-graad in Peru en in Lapland
is slechts 465 el.
Uit de gedane metingen heeft men afgeleid: dat de Aarde ongo-
veer den vorm heeft van een ligchaam, dat ontstaat door eeno
ellips om hare kleine as te laten omwentelen; dat de afplatting
omstreeks bedraagt, zoodat de as der Aarde gelijk aan iJJ