Boekgegevens
Titel: Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Auteur: Steynis, J.
Uitgave: Rotterdam: W.L. Stoeller, 1866
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 G 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203641
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Vorige scan Volgende scanScanned page
240
156. oohzaken van ma6netische siobinoem, nooedbblichi.
Aardbevingen en vulkanische uitbarstingen kunnen belangrijke sto-
ringen in den stand van de magneetnaald te weeg brengen. Dat
verschijnsel is meermalen waargenomen, — maar tot nog toe schijnt
men geene voldoende verklaring hiervan te hebben kunnen geven,
en de hypothesen, welke men ter verklaring van den invloed van
de Aarde op de magneetnaald heeft gemaakt, vermelden wij hier
niet. — Alleen blijft ons nog over hier een enkel woord te spreken
over een prachtig natuurverschijnsel, dat mede met het aardmagne-
tisme in verband schijnt te staan, namelijk het noorderlicht. In de
streken van de noordelijke koude zone, waaraan de zon gedurende
een groot deel van het jaar haar licht onthoudt, worden de lange
nachten dikwijls door het prachtige noorderlicht opgeluisterd. Hoe
verder men van de noordpool verwijderd is des te zeldzamer en
des te minder schitterend doet het zich voor.
Naar de waarnemingen van Argelander en anderen kondigt een
eigenaardig, vuil aanzien van den noordelijken hemel in de nabij-
heid van den horizon reeds het verschijnen van een noorderlicht
aan. Weldra wordt de kleur donkerder en er vertoont zich op den
horizon een cirkelsegment van kleinere of grootere afmeting met
eenen lichten zoom omgeven. Dat segment ziet er uit als eene wolk-
bank. — Uit den lichtzoom ontstaan een of meer lichtbogen en
verschillende stralen, die van het donkere segment uitgaan. Som-
wijlen schijnt het donkere segment met gelijke openingen evenwijdig
aan den boog doorbroken, waardoor dan het schitterende licht als
van een achter het donkere scherm aanwezigen vuurgloed gezien
wordt. — Door dit donkere segment worden heldere vaste sterren
met het bloote oog gezien, waardoor de zamenstelling van het
donkere segment zeer raadselachtig wordt. — De lichtboog om het
donkere segment is aan de binnenzijde scherp begrensd, aan' de bui-
tenzijde vloeit hij meer uit, en vertoont van tijd tot tijd schitterende
groenachtige en donkerroode stralen, die, nu eens langer, dan weer
korter, als bliksemschichten opschieten, van het Oosten naar het Wes-
ten en van het Westen naar het Oosten bewegen, terwijl zij zich krom-
men. De boog zelf is ook in gestadige beweging, rijst, daalt en
wordt dan hier dan daar verbroken. — Het middelpunt van den
boog, of ook zijn hoogste punt ligt altijd ongeveer in de rigting
vau den magnetischen meridiaan. De ' stralen loopen te zamen naar