Boekgegevens
Titel: Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Auteur: Steynis, J.
Uitgave: Rotterdam: W.L. Stoeller, 1866
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 G 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203641
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Vorige scan Volgende scanScanned page
-229
rische elektriciteit geïnduceerd, zal tusschen de platen overspringen
en in het bureau alle gevaar doen wijken.
Om verder verwoestingen door de atmosphaerische elektriciteit
in de draadgeleiding te voorkomen, heeft men van afstand tot
afstand de telegraaphpalen van bliksemafleiders voorzien. Dezen
zijn metalen stangen, die langs de palen in den grond loopen, en
welker spits zeer nabij eenig metaalstuk gebragt wordt, dat met den
telegraaphdraad in geleidende verbinding staat, zoodat eene ophoo-
ping van elektriciteit in den draad voorkomen wordt.
143. OswEêRSWOLKEN. — Dc ouweêrswolkcn zijn doorgaans ge-
makkelijk te herkennen. Van verre gezien doen zij zich als donkere,
zwartgraauwe wolkenmassa's voor, die aan de bovenzijde in opge-
stapelde hoopwolken overgaan. De onderkant van de wolk vertoont
zich, als zij hooger komt, dikwijls in neêrhangende massa's ver-
scheurd , die eene blaauwachtige, graauwe tint hebben, en veelal
voorboden van hagelslag zijn. — De hoogte van de onweerswolken
is zeer verschillend: want reizigers verklaren op de toppen van
hooge bergen in den helderen zonneschijn gestaan te hebben, terwijl
het beneden hen in de dalen donderde en bliksemde, — en weder
anderen hebben onweders boven zich waargenomen, terwijl zij zich
op hooge bergtoppen bevonden. — De elektriciteit, waarmede eene
onweerswolk geladen is, schijnt over hare geheele uitgestrektheid
niet van denzelfden aard te zijn. Onderzoekingen aan de in (140)
beschrevene toestellen hebben doen zien, dat bij afwisseling posi-
tieve en negatieve elektriciteit aan den conductor waargenomen
worden, en dat, bij den overgang van de eene elektriciteit op de
andere, gedurende eene korte poos geene vonken tusschen den
conductor en den met den grond verbonden geleider overspringen,
zoodat welligt het middengedeelte van de wolk eene sterke lading
van eenige soort van elektriciteit bevat, die verdeelend op het omrin-
gende gedeelte der wolk werkt, welk gedeelte weder verdeelend op
een nog verder van het midden verwijderd deel werkt, zoodat
van het midden der wolk af tot aan hare grenzen elkander ge-
deelten opvolgen , welke dien ten gevolge afwisselend met een der
soorten van elektriciteit geladen zijn, — en daaruit laat zich het
overspringen van bliksemstralen tusschen de deelen van eene onweers-
wolk gemakkelijk verklaren.
144. Bliksem , webelichi , donder. — Door bliksem verstaat men