Boekgegevens
Titel: Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Auteur: Steynis, J.
Uitgave: Rotterdam: W.L. Stoeller, 1866
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 G 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203641
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Vorige scan Volgende scanScanned page
-105
Indien wij de plaats van de planeten traehten te bepalen en daarbij
de helling van hare baan 'voorloopig buiten rekening laten, dan
zullen wij daartoe voor elke planeet vooreerst hare lengte moeten
bepalen. — Besehrijven wij nu om eenig punt M als middelpunt
eenen grooten cirkel, dien wij als de ekliptika voorstellen en van
eenig punt af in 360° verdeden, dan stellen wij bij het nulpunt
der verdeeling het teeken V. Beschrijven wij nu binnen den cirkel
om M eene ellips, welker excentriciteit, naar (43), is, en waar-
van het perihelium, naar (43), ongeveer op 100° lengte vallen moet,
dan heeft men de baan der Aarde afgebeeld. Brengt men dan bij
het nulpunt van de ekliptika eene verdeeling van de Aardbaan aan,
waarnaar de stand van de Aarde voor eiken dag ongeveer aangege-
ven kan worden, dan zal hierin geen moeijelijkheid bestaan, als men
de datums zoodanig aanbrengt dat 23 September bij het nulpunt,
21 December bij 90°, 21 Maart bij 180° en 22 Junij bij 270° komt
te staan. Om nu de baan van eenige planeet aan te brengen neme
men, naar (62), de betrekkelijke grootte van haren straal, en be-
schrijve om M voor de bedoelde planeet eene ellips, waarvan de
excentriciteit en delengte van het perihelium, naar (65), bekend zijn,
dan zal men uit de epocjje en den siderischen omloopstijd gemak-
kelijk de plaats van de planeet met behulp van de ekliptika kunnen
bepalen, en evenzeer kunnen nagaan, waar zij uit de Aarde aan het
hemelgewelf zal gezien worden. — Gemakkelijker laat zich die plaats
bepalen als wij voor de banen van de Aarde en de overige plane-
ten cirkels aannemen. Wij vinden dan hare plaatsen toch ongeveer
naauwkeurig. Op die wijze zal men vinden :
"Voor Satnrnus.
Datums i Ware lengte 1 1 Aanmerking. i
15 April 1865 205° Wij hebben deze datums geko-
1 Mei 1866 217 zen, omdat Satnrnus dan met de
10 Mei 1867 228 Zon ongeveer in oppositie is, en
20 Mei 1868 239 dus gemakkelijk des avonds aan den
1 Junij 1869 251 hemel kan gevonden worden, ter-
10 Junij 1870 261 wijl hare ware en schijnbare lengte
20 Junij 1871 272 dan zeer weinig verschillen.