Boekgegevens
Titel: Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Auteur: Steynis, J.
Uitgave: Rotterdam: W.L. Stoeller, 1866
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 G 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203641
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek voor de beginselen der kosmographie
Vorige scan Volgende scanScanned page
-92
Dewijl de parallaxis afhankelijk is van den straal der Aarde, zoo
kan de horizontale parallaxis op alle plaatsen niet gelijk zijn. Zij
is onder den aequator het grootst. Het verschil is echter te gering
om hier daarop te wijzen.
Voor de vaste sterren is de parallaxis, zooals wij boven aan-
merkten , oneindig klein. Voor de Zon is de horizontale parallaxis,
zooals wij nader zullen zien, op omstreeks 8 a 9 seconden bepaald.
De horizontale parallaxis vau de Zon moet natuurlijk aan veran-
dering onderhevig zijn, omdat de afstand van de Zon tot de Aarde
niet altijd even groot is. Omstreeks het wintersolstitium is die
parallaxis het grootst en omtrent het zomersolstitium het kleinst. —
Neemt men die parallaxis gemiddeld gelijk 8,6 seconde, dan is de
afstand a van de Zon tot de Aarde, naar het bovenstaande ,
en
sin. p ■
daar r, naar (pag. 75, Vraagst. VI) gelijk 5éOO : Stt geographi-
sche mijlen is, en sin. p = 0,000042, zoo zal de afstand a van de
Zon tot het middelpunt van de Aarde, bijna 21 millioen geogra-
phische mijlen of 24 duizend aardstralen bedragen. — Wij komen
hierop echter nader terug.
Meet men de middellijn van de Zon, dan zal deze bij haren ge-
middelden afstand van de Aarde gezien worden onder eenen hoek
van 32'3,3" of van 1923,3 seconden, en uit het middelpunt van
de Zon wordt de middellijn der Aarde naar het bovenstaande ge-
zien onder eenen hoek van 17,2 seconde, zoodat de middellijn van
de Zon 1923,3:17,2 of ongeveer 112-maal grooter is dan die van
de Aarde. De inhoud van het ligehaam der Zon is dus 112'- of
omstreeks 1400000-maal grooter dan de Aarde.
56. Parallaxis, apsiand en grootte van de maan. Dewijl
de Maan veel digter bij de Aarde is dan de vaste sterren, zoo is
het gemakkelijk hare parallaxis te bepalen. Wordt zij toch uit eenig-
zins verwijderde standpunten op de Aarde gelijktijdig waargenomen,
dan zal men haar beeld tegen het hemelgewelf op verschillende
plaatsen zien. Bedekt zij voor eenige plaats op een gegeven oogen-
blik eene ster, dan zal die ster op hetzelfde oogenblik op eene eenig-
zins verwijderde plaats niet door de Maan bedekt wezen. — De
parallaxis van de Maan wordt bepaald door op twee plaatsen, die
ver van elkander verwijderd onder denzelfden meridiaan gelegen zijn,