Boekgegevens
Titel: Beschouwingen over het Athenaeum illustre en het onderwijs in Amsterdam
Auteur: Pinner, Julius
Uitgave: Amsterdam: M. Schooneveld & Zoon, 1861
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Br. Pijn. 39-9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203625
Onderwerp: Onderwijs: tertiair onderwijs
Trefwoord: Universiteiten, Athenaeum Illustre, Amsterdam (stad)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beschouwingen over het Athenaeum illustre en het onderwijs in Amsterdam
Vorige scan Volgende scanScanned page
12
staande deze inrigting ten opzigte van de bekwaamheid
harer Hoogleeraren steeds, cn vooral thans, met elke andere
academie of universiteit heeft kunnen wedijveren. Het
Athenaeum was niets anders dan een concurrent der drie
lands Hoogescholen, niets meer en niets minder, en heeft
het althans in onze eeuw nooit //school gemaakt." Amster-
dam heeft door zijn Athenaeum zedelijke kracht verkregen
noch behouden, en het zal, door zijne jongelieden naar
eene der academiën in den lande te zenden, geenszins aan
zedelijke kracht verliezen.
Maar wij ontmoeten gaarne onze geachte Bestuurders op
het terrein van hnowledge is power., en wij ontveinzen niet,
dat dit motto alleen ons heeft geïnspireerd om de pen op
te vatten. Even weinig als door een algemeen verspreid
lager onderwijs, zullen, uit den aard der zaak, door
het hooger onderwijs alléén algemeene beschaving en ont-
wikkeling , naar de eischen des tijds, onder de natie ver-
spreid worden. Er worden wel mannen gevonden, toegewijd
aan het hooger onderwijs, die uit liefde voor beschaving cn
verlichting het licht ook voor anderen dan voor vakstuden-
ten doen branden, maar in het algemeen zijn zij slechts
voor eene niet noemenswaardige fractie der bevolking toe-
gankelijk. Er zal, hopen wij, een tijd komen, waarin het
middeleeuwsche vijf-faculteitenstelsel zal vallen en daarmede
het monopolie van geleerdheid. Er zal ook in het vak van
het hoogste onderwijs vrije concurrentie komen, mannen
van genie en wetenschap zullen hunne scholen en gehoor-
zalen openen, zonder gekozen tc zijn door Curatoren; de
studenten zullen plaats maken voor de studerenden, de
Kerkgenootschappen zullen zorgen voor de vorming hunner
Leeraren, en aan den Staat zal alléén zijn opgedragen de
zorg voor de oprigting en het onderhoud van groote gast-