Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
6fU
heid electriciteit, die aan de condensator-plaat werd medegedeeld, grooter
moest zijn dan in het tweede geval. Want toen het zink, dat wij inde hand
hielden, met de onderste koperen plaat cd (zie 6g. 398) in aanraking was, werd
de negatieve electriciteit, die zich over de plaat cd verspreidde, ten gevolge van
het afleidend aanraken der bovenste plaat ef, door deze nabij het vernisbedek-
sel op de plaat c d gebonden. Hierdoor kon er weder een deel van de —E, die
aan de plaats der aanraking van het zink en koper gebonden was, vrij wor-
den, en zich op nieuw over c d verspreiden, terwijl de gelijke hoeveelheid -^-E,
die op het zink vrij werd, door de hand wegstroomde. Daaruit kan gemak-
kelijk worden afgeleid, dat, wanneer de koperplaat c d met eene geïsoleerde
plaat zink wordt aangeraakt, de uitwerking veel minder krachtig moet zijn.
Wij hehben bij onze proefnemingen hoofdzakelijk van koper eu zink gebruik
gemaakt; maar wij konden ook andere metalen, ja zelfs andere stoffen dan me-
talen gebezigd hebben. Men meene echter niet, dat de spanning of digtheid der
electriciteit, die door de electromotorische kracht wordt opgewekt, voor alle
stoffen dezelfde is; over het algemeen zijn de metalen de beste electromoto-
ren; maar ook bij deze bemerkt men in dat opzigt een groot verschil. Zoo
wordt zink, door aanraking met platina, sterker positief-electrisch dan wan-
neer het in aanraking is met koper; koper wordt door aanrakiug met zink ne-
gatief-, en door aanraking met platina positief-electrisch. Men kan eenige stof-
fen zoodanig in eene reeks rangschikken, dat elk van de voorgaande, door
aanraking met elk der volgende, positief- en dus het andere negatief-electrisch
wordt, en wel des te sterker, naarmate de beide stoffen verder van elkander iu
die reeks verwijderd zijn. Zulk eene reeks is de volgende:
Zink.
Lood.
Tin.
IJzer.
Bismuth.
Koper.
Antimonium
Zilver.
Kwikzilver.
Goud.
I'latina.
Kool (steen- of houtskool)
Men hebbe deze reeks derhalve zoo te verstaan, dat, wanneer zink en zilver
met elkancler in aanraking gebragt worden, het eerste -f-E het laatste —E
verkrijgt, enz.; en dat de digtheid der electriciteit, door aanraking van zink
met koper opgewekt, grooter zal zijn dan van zink met ijzer, enz.
Wanneer men uit de genoemde spanningsreeks drie metalen neemt, bij voor-