Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
.547
ter ver van de koord uit; men had op dien afstand een gevoel, als of er eene
spinneweb op het gezigt hing; stroohalmen, die op een' meter afstands onder
den conductor op den grond lagen, rigtten zich overeind. Er volgden kort
daarna drie uitbarstingen, gelijk aan donderslagen; de vuurstraal, die daarbij
losbarstte, was ruim 2 palm lang. Later bekwam de Romas, door middel van
eene ontlaadtang, vonken van 3 el lengte.
Door dergelijke gewigtige proefnemingen geleid, durfde men de vooronder-
stelling uiten, dat de bliksem niets anders is dan eene groote electrische vonk,
die door de snelheid, waarmede zij zich beweegt, zich als straal vertoont. Vol-
gens deze meening zou er zich, wanneer de baan, die de bliksem doorloopt, op
eenmaal werd afgebroken, een vuurbol vertoonen.
Later heeft men bedacht, door middel van doelmatige inrigtingen, de electri-
teit des dampkrings op alle tijden te onderzoeken. Daartoe stelt men op het hoog-
ste gedeelte van het huis eene puntige ijzeren staaf, en leidt daarvan eenen me-
taaldraad af naar het inwendige eener kamer, in welke men de waarnemingen
wil doen; daar loopt de draad in een' bol uit, en er staat, een eind van dien bol
verwijderd, een andere bol, welke door eenen geleider met den grond in ge-
meenschap is gebragt. De eerste bol, die met de daaraan verbondene stang
geheel geïsoleerd is, kan men als den conductor beschouwen, enden tweeden
als afleider der uit den eersten overspringende vonken. De eerste geleider is
doorgaans met eenen electrometer verbonden, en iu den laatsten tijd heeft
men dien geleider niet boven aan het gebouw van eene enkele puntige stang
voorzien, maar van eene groote menigte zeer fijne platina spitsen. Dat de elec-
trometer dienen kan om ook deu aard der lucht-E, namelijk of die positief of
negatief is, te bepalen, is uit het voorafgaande duidelijk. Tusschen de beide
bovengenoemde bollen brengt men wel eens eene klok aan, die door een' meta-
len slinger begint te klinken, wanneer de electriciteit van de lucht vrij sterk is:
dit geluid wekt derhalve deu waarnemer. Men noemt zulk een werktuig lucht-
electrometer; eu hoe gevaarlijk dergelijke inrigting is, wanneer zij niet door
een' zeer bekwamen waarnemer bestuurd wordt, heeft onze beroemde landge-
noot, wijlen de generaal Krayenhof, herhaaldelijk onder de aandacht gebragt.
Professor Richmann te Petersburg werd door zulk een werktuig in den jare 1753
het slagtoffer zijner weetgierigheid. Eenmaal namelijk, terwijl er zich een on-
weder aan den hemel vertoonde, geraakte zijn hoofd te zeer in de nabijheid van
den geisoleerden bol, er sloeg eene vonk uit dezen op zijn hoofd over en hij
bleef op de plaats dood; iemand, die hem behulpzaam was, viel ook bewus-
teloos op den grond neder.
Zoowel als aan het touw van eeu' vlieger de electrische werking van den
atmospheer merkbaar wordt, heeft dit ook plaats bij lange door de lucht ge-
spannen draden. Daarom zijn ook de geleiddraden der electro-magnetische te-
legraphen bij onweder altijd electrisch, en kondigen dezen bij eiken bliksemslag
het aanwezen van eenen electrischen stroom aan.