Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
.623
Men zou den condensator op de volgende meer gemakkelijke en minder kost-
bare wijze kunnen zamenstellen. De voet m (zie fig. 375) wordt van eene gelei-
dende stof gemaakt of daarmede overtrokken; boven op het koperen schijfje cd,
laat men, in de drie verst verwijderde punten, drie druppels zegellak vallen.
De bovenste plaat ab bevestigt men aan drie zijden koordjes, om de plaat geïso-
leerd te kunneu opligten. Bij zulk eene inrigting is a 6 de verzamelplaat. Werke-
lijk wordt dan ook bij het gebruik van dit werktuig, het ligchaam, welks zwakke
electriciteit meu onderzoekeu wil, met de plaat ab iu aanraking gebragt; deze
werkt nu verdeelend op de plaat cd; de electriciteit van deze laatste, die met
het te onderzoekeu ligchaam gelijknamig is, wordt door deu grond afgestooten,
de tegenovergestelde werkt bindend op de plaat ab, en daardoor ontstaat dus,
even als bij den beschrevenen condensator, eene ophooping van electriciteit in
de plaat a 6, die vrij wordt, wanneer men de bovenste plaat vau de onderste
wegneemt.
Men schroeft bij het gebruik altijd de onderste plaat cd zonder den glazen
stijl m op den knop vau den goudblad-electrometer; in dat geval gaat, bij
verwijdering van a6, de vrije electriciteit van cd ook in de goudblaadjes over,
en zij stooten elkander af. Op deze wijze wordt de waarneming van de ge-
ringste hoeveelheden electriciteit merkbaar. Eene geheel ontladene leidsche
fiesch b.v. geeft aan den condensator nog duidelijke sporen van electriciteit,
dewijl de binnenste bekleeding nog allijd op de buitenste verdeelend blijft
werken.
Met dit werktuig heeft men reeds gewigtige ontdekkingen gedaan: zooals dal bij
gisting, smelting, kristallisatie, oplossingen meest alle scheikundige verschijn-
selen de electriciteit werkzaam is, en dat dus deze stof eeue gewigtige rol in de
werkplaats der natuur speelt.
Het tweede der bedoelde werktuigen is de eleclrophoor; eu zijne za-
menstelling is zoo eenvoudig, dat ieder, die lust bezit, er eeu kan ver-
vaardigen. Den naam van eleclrophoor, dat is, eleclricileils-drager oïelectri-
rileilS'bchouder is hel gegeven door den italiaanschen natuurgeleerde Volta,
die het in 1775 uitvond. Men zal zoo aanstonds zien, dat deze naam zeer ge-
past is.
Ten einde het werktuig grondig te leeren kennen, zal het noodig zyn, om de
hulp van den goudblad-electrometer eerst eenige oogenblikken in te roej)en.
Op de plaat c van den electrometer (zie fig. 359) leggen wij een schijfje van
hars, of een cirkelvormig blaadje gulta-percha, welks middellijn iets grooter is
dan die van de plaat; daar het schijfje niet electrisch is, zoo blijvende goud-
blaadjes tegen elkander hangen. Wij doen nu op den harskoek eenige zeer ligte
slagen met de punt van een kattenvel; de hars of gutta-percha wordl daardoor
negatief-electrisch. Deze —E der harsschyf werkt verdeelend op de plaat c en
de stang b; zij trekt de E van deze aan, en houdt ze boven in de metalen
plaat gebonden; de —E der jdaat wordt door haar naar de tegengestelde zijde