Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
.330
men maken ; — dan laat men slechts onder de trechtervormige opening c het
ligchaam verbranden, bij voorbeeld een lampje, achtervolgens met verschillende
soorten van olie of met alkohol gevuld; de vlam en de verdere voortbrengselen
der verbranding stroomen door de slangvormige buis heen, en verwarmen het
koude water. De thermometer begint derhalvè te rijzen, en hieruit, zoowel éds
uit de vooraf bekende hoeveelheid der verbrande stof, laat zich dan de hoeveel-
heid warmte, die er ontwikkeld is, berekenen. Het spreekt van zelf, dat de
wannte, welke door het einde s' ontwijkt, niet onopgemerkt mag blijven.
Door dezen toestel heeft men bevonden, dat men met een pond der navolgende
brandstoffen, het daarnevenstaande aantal ponden water van O graden tot aan
het kookpunt kan verhitten .
met gewone talk . . 80 pond.
» zuivere raapolie. . 93 »
» goede boomolie . .112 »
» waterstofgas . . . 346 »
met goeden turf ... 30 pond.
" droog hout ... 36 »
>" goede steenkolen .70 »
» beste houtskolen . 75 >•
» steenkolengas . . 77 »
Wij hebben uit de aangehaalde proeven gezien, dat de warmte, door schei-
kundige verbindingen opgewekt, tot de hevigste hitte kan aaugroeijen. Het
broeijen van hooi, mest, zaagsel, enz. ontstaat, zooals gezegd is, door opzuiging
van vochten en daardoor te weeg gebragte scheikundige werkingen. Voorzigtig-
heid is hier ten sterkste aan te bevelen. Toen in 1780 eu 1781 in verschillende
magazijnen te Kroonstad en Petersburg plotseling brand ontstond zonder dat
men de oorzaak daarvan konde bevroeden, en eenige geleerden later bemerkten,
dat eene vermenging van zwartsel en olie, als ook van vast op elkander gepakt
en met olie bevochtigd vlas of wol, na weinige uren in brand kan geraken, be-
val de toenmaals regerende keizerin van Rusland Catharina 11 hieromtrent
proeven te nemen. De uitslag stelde het ontstaan van brand op dergelijke wijze
buiten allen twijfel.
Er zijn voorbeelden, dat menschen, die zich aan een hevig misbruik van ster-
kendrank schuldig maakten, het offer werden van eene bij hen inwendig ont-
stane hitte. De beroemde geneesheer Bianchini maakt gewag van eene gravin,
die op 62jarigeu leeftijd geheel tot asch verbrandde, waarschijnlijk ten gevolge
harer gewoonte, om het ligchaam met kamfergeest in te wrijven.
Eene verschrikkelijke uitwerking van de misschien door scheikundigeverbindiu-
gen voortgebragte hitte, ontdekt men in de vreeselijkste aller natuurverschijnse-
len, in de aardbevingen en vuurspuwende bergen. In het klein kan men deze ont-
zagwekkende werking der natuur nabootsen. Men maakt daartoe eene verbinding
van eenige ponden ijzervijlsel meteen gehjkaantal ponden zwavel tamelijk vochtig,
kneedt het tot een behoorlijk deeg zamen, graaft dit mengsel vier of vijf palmen
diep onder den grond, en stampt er de aarde zoo vast als mogehjk is overheen.
Na weinige dagen kan men de werking der bedolvene massa reeds bespeuren.
De aarde begint te trillen, even alsof er aardbevingen plaats hebben vóór de ont-