Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
.469
ding der compensatie slingers aangetoond. Zoo wordt eene strook platina, wan-
neer Zij van O tot op 100' C. verhit wordt nog niet TTrVir van hare geheele
lengte langer; eene strook zilver omstreeks duhhel zoo veel, en dus bijna
harer lengte; ijzer omtrent ^^^ en zink reeds -j-l^. Stelt nu eens, dat men
twee metalen strooken, bij voorbeeld eene van zink en eene van koper, aan
elkander soldeert, en dat dit zamenstel bij 20' warmte eene regte lijn vormt
(zie fig. 286), dan zal het bij eene hoogere temperatuur zich moeten krommen,
zoodanig, dat het zink, omdat het zich het
meest uitzet, buiten ligt (zie fig. 287). Be-
neden 20' zullen de strooken, omdat het
zink zich weder het meest zamentrekt, eene
tegenovergestelde rigting verkrijgen en het
genoemde metaal binnen liggen (zie fig. 288).
Van deze waarheid maakte Breguet gebruik,
om zijnen metaal-thermometer te vervaardigen.
Het voornaamste gedeelte van het werk-
tuig bestaat in eene metalen strook erf (zie
fig. 289), vau 1 tot 2 streep breedte, die
schroefvormig is opgewonden. Zij wordt ver-
kregen door twee met goud op elkander ge-
soldeerde lagen van zilver eu platina zoo
dun te pletten, dat zij slechts streep dikte
heeft. De strook is van boven bij c aan een stuk
messing gehecht en hangt daarvan vrij af. Aan
het ondereinde draagt zij een* zeer ligten wijzer é,
welks spits eenen verdeelden ring doorloopt. Die
ring is in het midden geheel open en rust op
drie pooten, zoodat de lucht zich vrij tusschen
de windingen van deu band c rf kan bewegen. Het
geheel is met eene glazen klok bedekt, teu einde
de beweging der lucht er van buiten geenen in-
vloed op zoude kunnen uitoefenen. Daar nu het zilver zich meer dan het pla-
tina uitzet en zamentrekt, zoo wordt de spiraalstrook af- en opgewonden, naar-
mate de warmtegraad stijgt of daalt en hierdoor beweegt zich ook de wijzer.
De warmtegraden worden op den ring a b aangebragt, door op denzelfdcn oogen-
blik, bij gelijke temperatuur, den stand na te gaan van den wijzer en dien der
kwikzilver-kolom van eeu' goeden kwik-thermometer ; men brengt alsdan de ge'
tallen graden, die de laatste aanwijst, iu overeenstemming met die, welke de
wijzer aangeeft. Alzoo wordeu de graden van warmte door den wijzer rfe aan-
getoond, even als de uren en minuten door den wijzer van een uurwerk Der-
gelijke thermometers heeft men reeds zoodanig gewijzigd, dat zij in den vorm
van eeu gewoon zakhorologie te verkrijgen zijn.