Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
.466
daarom juist die vloeistof, omdat zij door hare uitzetting ook dikwerf gebruikt
wordt, om de warmtegraden te leeren kennen; de wijngeest evenwel wordt meest-
al gebezigd in thermometers, die groote koude moeten aanwijzen. Het kwik-
zilver wordt vast of bevriest bij — 39* C., dat wil zeggen, wanneer de top der
kwikkolom 39 graden onder nul is gedaald. Deze vloeistof is derhalve dan niet
meer geschikt om nog grootere koude aan te toonen. De wijngeest echter wijst
nog naauwkeurig bij eene koude van 80* C onder nul (—80* C). Men heeft deze
zelfstandigheid tot nog toe niet kunnen doen bevriezen; daarom is de
thermometer dan ook het meest geschikt, om waarnemingen der koude in de
Poolgewesten te doen.
Dat de alkohol minder dienen kan om hooge warmtegraden aan te wijzen,
vloeit daaruit voort, dat hij reeds op 79,7'C kookt, terwijl kwikzilver dit eerst
op 350* C doet. Om eene schaal voor een' wijngeest thermometer te verv aardigen,
regelt men deze naar den kwik-thermometer Dit regelen bestaat hierin: men
neemt de hoogte van beiden bij gelyke temperatuur waar, doet dit op verschil-
lende graden van warmte, en plaatst op de schaal des eersten de nunmiers van
den tweeden. Het is noodzakelijk, alzoo te handelen, want de wijngeest zet zich,
zoo als wij reeds te kennen gaven, ongelijkmatig uit.
Om warmtegraden te kunnen meten, die de kookhitte van kwik te boven gaan,
bezigt men eeu' luchtthermometer, die later zal beschreven worden. Fig. 283
dient, om eeu denkbeeld van een' luchtthermometer le geven.
a stelt voor een bol, bevestigd aan eene buis c en gedeeltelijk
gevuld met lucht. Het opene einde der buis is gedompeld ineen
bakje 6, dat eene vloeistof bevat, die in de buis tot eene zekere
hoogte c opklimt, ten gevolge van de drukking des dampkrings
op het vocht in het bakje 6, dat met de buitenlucht gemeen-
schap heeft. Verwarmt men de lucht in den bol a, zoo zet zij
zich uiten drukt het vocht, dat in de buis staat, naar beneden.
Wordt de lucht kouder gemaakt, zoo krimpt zij in, en de
dampkring, op het vocht in den bak drukkende, perst de
vochtkolom in de buis uaar boven.
Men moet dus hier bij het vervaardigen van de schaal de,
de dampkringsdrukking in aanmerking nemen. De opklim-
ming in de buis verkrijg t men, door eerst den bol een weinig
warm te maken, en haar daarna in het vocht b te duwen. In
plaats van den bol a kan een dun fleschje dienen, waarin de
buis met eene kurk en lak luchtdigt is bevestigd.
Er bestaan ook lucht-thermometers,die van de drukking des
dampkrings bevrijd zijn. Onder deze verdient vooral vermelding de zoogenaamde
differentiaal-thermometer. De beteekenis van dien naam zal u duidelijk worden,
wanneer de inrigting en het doel van dit werktuig verklaard is. Het is zamen-
gesteld uit twee bollen a eu t (zie fig. 284), die met lucht gevuld zijn en met
283.