Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
.380
scherm een omgekeerd spectrum; een bewijs derhalve, dat de gekleurde stralen
in het brandpunt elkander hebben gekruist, en hunne oorspronkelijke kleuren
by die kruising behielden.
Men kan ook op de volgende wijze aantoonen, dat de genoemde zeven
kleuren wit licht geven Het door een prisma op den 5 a 6 el verwijderden
wand gevormde spectrum, beschouwt men door eeu tweede, aan het eerste
gehjkvormige, cn daaraan bijna evenwijdig opgestelde prisma, en men zal het
spectrum weder iu eene ronde, witte vlek zien overgaan.
Ook door middel van de zoogenaamde kleurenschijf laat zich de genoemde
waarheid proefondervindelijk bevestigen. Deze beslaat uit eene (zie fig. 204)
Fig. 204. met wit papier overtrokkene, cirkelronde
schijf, door stralen in zeven sectoren verdeeld,
welke in grootte tot elkander staan als de
ruimten, die de hoofdkleuren in het spec-
trum innemen, eu met de aau deze overeen-
komstige kleuren beschilderd zijn. Wordt
nu deze schijf met haar middelpunt op eene
as gestoken en snel rondgedraaid, zoo zullen
de kleuren in de vereischte orde het oog op-
volgender wijze aandoen, en wel met zulk
eene snelheid, dat de indruk der eene kleur in hel oog nog voortduurt, ter-
wijl de andere reeds volgt; daardoor zal de vlakte eene witte kleur verkrijgen.
Verwt men de schijf met slechls eenige der prismatische kleuren, zoo verkrijgt
zij eene gemengde kleur, en wel die, welke door de menging der op de schijf
gebragte kleuren ontstaat. De heer Logeman te Haarlem stelt op eene zeer
doelmatige wijze dergelijke rotalic-tocslellen met de, vcor deze en voor een
aantal nog te vermelden lichtproeven bestemde, schijven zamen.
De vermelding dezer laatste proef voert ons nog tot andere bijzonderheden
ten aanzien der kleuren.
Indien men op de reeds omschrevene wijze, n. I. door middel van kleine
openingen, die zich bevinden in het scherm C D (zie fig. 202), ter plaatse waar
het spectrum valt, slechts twee, drie, en derhalve een gedeelte der zeven kleu-
ren achter het genoemde scherm C D of CD' opvangt, dan ontstaat door de
vereeniging dezer stralen eene gemengde, eene zamengestelde kleur, zulk eene,
waaronder de voorwerpen zich gewoonlijk in de natuur aan ons oog voor-
doen. Vereenigt meu op deze wijze den gelen en blaauwen straal, zoo ontslaat
er groen; door zamensmelting van den groenen en violetten, blaauw; van den
gelen en rooden, oranje, enz. Gij ziet hieruit, dat men uit wit licht eene kleur
naar verkiezing kan voortbrengen, indieu men slechts ééne of meer der prisma-
tische kleuren door middel van het scherm onderschept. De kleuren, welke
men iu zulk een geval teruggehouden heeft, noemt men aanvulUngS' of com-
pUmentaïre-kleuren, Immers zoo men de voort gebragte kleur met dc terugge-