Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
284
verzwakt; ook is het u thans duidehjk, waarom elke hichthewcging geen geluid
veroorzaakt: zoo min als elke strooming des waters golving doet ontstaan, zoo
Tuin geschiedt zulks hij elke strooming der lucht. De wind veroorzaakt dus geen
geluid; alleen dan wanneer hij, tegen vaste ligchamen stootende, in trilling of
golving geraakt, hoort men zijn geloei of gebulder.
Ten einde duidelijk te maken hoedanig de gezegde luchtverdikkingen en verdun-
ningen geschieden, willen wij eens het ontstaan van den enkelen knal waarnemen,
die teweeggebragt wordt door eene met knalgas gevulde zeepbel (zie bladz.
243) aan te steken. Laat rzie fig. 1 ^Oa zulk een' knalgasbol voorstellen, aan alle
ri(f. 1 zijden door lucht omringd; zij n dc;
omtrek van de ruimte,tot welke het gas
zich bij het aansteken uitzet en a het
punt, waartoe de bol zamenvalt, wan-
neer hij water is geworden, tusschen
welke beide overgangen een ondenk-
baar kort tijdsverloop bestaat. De lucht-
laag r wordt door de uitzetting naar n
met kracht voortgedreven. Hierdoor
worden de luchtdeelen tusschen r en n
zaïnengedrukt of verdigt, dien teu ge-
volge ondervindt r eenen steeds aan-
groeijenden tegenstand; van de opvol-
gende luchtdeelen: eerst neemt de snel-
heid toe en wel tot op het midden 1 tusschen r en n en daarna neemt de snelheid
tot aan n af. De beweging, die de luchtdeelen in de laag r naar de regterzijde
ontvingen, en die wij hebben beschouwd zich slechts tot aan n uit te strekken,
heeft 0(»k de aangrenzende luclulagen aangedaan ; de lucht tusschen n en b is ook
opvolgenderwijze verdigt, zoo ook die tusschen b en c enz. Bleef nu de gasbol tot
aan n uitgezet, dan zou, daar de lucht eene veéi krachtige stof is, het evenwigt zich
weldra herstellen, en terwijl dclucht tusschen c en r/verdigt werd, die tusschen b
CU c zich weder in den evcnwigtstoestand hebben geplaatst; maar dit gebeurt
niet, de gasbol krimpt plotseling tot in eéti punt a zamen, de luchtdeelen der
laag >i kunnen nu niet zoo spoedig volgen, en die beweging naar de linkerzijde
veroorzaakt dus eene luchtverdunning tusschen r en n ; vau deze luchtverdun-
ning ondervinden de luchtlagen b, c, d enz. achtereenvolgend ook de uitwerking.
Was derhalve eerst de beweging der deelen van de linker- naar de regterhand,
ihans gaat zij in eene tegenovergestelde rigting over, en deze veranderingen
geschieden als onmiddehjk op elkander. Het is gemakkelijk iu te zien, dat deze
werking niet alleen eene beweging links eu regts is, maar eene in alle rigtingen,
zoodat de verdigtingen eu verdunningen in den vorm van holle kogelschalen ge-
schieden, die steeds grooter word(?u en allen het middelpunt fi met elkander ge-
meen hebben Het is eene ware slingering of bolvormige golving.