Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
109
korten tijd ook uit elastieke gora, of worden als gewone bonten vervaardigd,
maar onder de banken en langs de zijden van holle, Inchtdigt geslotene kokers
of b iizen voorzien. Ten aanzien van de vervaardiging dezer reddingsmiddelen
heeft een ander onzer landgenooten, W. van Houten, welverdienden lof ver-
worven.
De scaphander is een drijfmiddel, hetwelk men even als een vest aantrekt;
het is zamengesteld uit stroo, dat met gewaste zijde is overtrokken. Met dit
werktuig toegerust, kan men veilig te water gaan, dewijl het ligchaam daar-
door tot aan de borst boven de oppervlakte blijft. Aan beide de genoemde drijf-
middelen hebben reeds honderden menschen het behoud huns levens te danken.
Door de voorbeelden, die ten aanzien van het drijfvermogen zijn bijgebragt,
is proefondervindelijk aangetoond, dat men ligchamen, die soortelijk zwaarder
zijn dan water, kan doen drijven, door ze te verbinden met ligchamen, die soor-
telijk ligter zijn dan deze vloeistof. Dit kan insgelijks geschieden door ligcha-
men hol te maken, want hierdoor verkrijgen zij eenen vorm, die hen eene veel
grootere uitgebreidheid vochts kan doen verplaatsen, dan wanneer zij niet hol
zijn. Een ijzeren pot, overeind in het water gezet, drijft, en wanneer hij aan
stukken wordt geslagen, zal hij zinken; even eens is het met de ijzeren schepen
gesteld. Het menschelijk ligchaam is doorgaans ligter dan eene daarmede iu
omvang gelijke hoeveelheid waters, rroefnemingen hebben bewezen, dat van de
10 menschen slechts één zwaarder is dan de massa vocht, die hij wegstoot.
Somtijds bedraagt het overwigt zijner zwaarte boven die der hoeveelheid wa-
ters, welke hij onder water liggende verplaatst, slechts 1 pond. Dit is eene
allergewigtigste opmerking.
Wanneer de mensch, in het water liggende, dc borst vol lucht ademt, ver-
groot zich de geheele borstholte, de omvang zijns ligchaams wordt bij gelijke
zwaarte uitgebreider, en hij blijft met het halve hoofd boven het water drijven;
doch hij zal meerder dalen, naarmate hij meer ligchaamsdeelen boven het water
tracht te verheffen; want elk ligchaamsdecl is buiten het water zwaarder dan
er in: dit volgt uit het behandelde. —Hoe vele menschen zouden misschien nog
kunnen gered zijn, indien zij met deze waarheid waren bekend geweest! — Dc
pogingen, die de in het water gevallene aanwendt, om sommige ligchaamsdeelen
boven water te brengen, bewerken juist zijnen dood. De mensch loopt het min-
ste gevaar van te verdrinken, indien hij in het water op den rug ligt; omdat
de ademhalingswerktuigen alsdan het gemakkelijkst zijn vrij te houden.
Het is hisr de plaats, om dc grootste voorzigtigheid aan te bevelen bij het
bezigen van blazen ten einde het drijfvermogen des ligchaams te bevorderen,
hetwelk bij het zwemmen leeren wel eens gebruikelijk is; want zijn de blazen
niet zeer stevig aangebonden, cn kunnen zij vóór het ligchaam schuiven, dan
zal de zwemmer, aangezien het zwaartepunt dc laagste plaats wil innemen,
weldra omkantelen, op den rug onder water geraken, cn alzoo verdrinken.
Dat het drijfvermogen der ligchamen vergroot, naarmate zij in eene zwaar-