Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
142
Ilct Lovenverklanrclü vcrscliijnsel noemt men wel eens het hydrostatische
wonder, en het laat zich, hehalve op de voorschre\ene wijze, ook door hetgeen
in dc werktuigkinide is geleerd, ophelderen. Slaat slechts het oog op fig. 77
en neemt in aanmerking, dat de pijp h c het tiende gedeelte der wijdte heeft
van ef g; dan is het duidelijk, dat de zuiger h 10 duim zal moeten dalen,
om ef slechts 1 duim te doen rijzen : de snelheden van magt en last ver-
houden zich omgekeerd tot elkaniler als 1 tot 10, derhalve staan ook de pon-
den, die hij deze met elkander evenwigt maken, tot elkander in reden als 1 tot
10, en hij den genoemden hydrostatischen blaasbalg als l tot 1000. —
Op dergelijke wijze is de anatomische of ontleedkundige hevel van Wolf inge-
rigt. Om met zulk een werktuig proeven te nemen, laat men door een bliksla-
ger een blikken bakje A maken (zie fig. 78a op J^ van de ware grootte afge-
Vig. 7Sa.
beeld) voorzien van een' omgebogen rand en een regt-
hoekig gebogenen arm JS. In dezen arm bevestigt
men eene glazen of blikken buis C. Men giet den bak
A vol water en bindt hem stevig toe met eene dierlijke
blaas, zorgende door hem herhaaldelijk op te ligten en
weder op te leggen, dat hij overal het water raakt en
geene lucht onder zich sluit. Daarna legt men op den
rand >an den bak en dus over de blaas een plankje, dat
men met gewigt bezwaart. Eindelijk giet men de buis
C vol water, de blaas begint dan eenen bollen vorm te
verkrijgen, en het plankje wordt met het gewigt op-
geligt. Hoe zwaar men het gewigt nemen kan, zal na
de voorafgegane berekening niet moeijelijk vallen te
bepalen. Neemt men het plankje met het gewigt weg,
zoo zal het dierlijk vlies door de drukking van de
waterkolom in C zoo sterk zijn uitgezet en opwaarts
gevoerd, dat alle spierdraden duidelijk er in zyn te
onderkennen. Prikt men met eene naald eene opening
in de blaas, zoo springt het water in de hoogte.
Op hetzelfile beginsel berust de pers van Reat, zie fig. 786. In den wijden
cilinder worden de fijngemaakte stoffen gebragt, waarvan men een aftreksel
verlangt temaken. Deze zijn begrepen in eene zeef\ormige ruimte (zie fig. 78c).
Nadat het deksel c er stevig op is vastgeschroefd, wordt er in de naauwe buis,
welke men zich ver boven c verlengd moet verbeelden, water gegoten. Dit oefent
nu, volgens dc verklaarde wet, eene sterke drukking uit op de af te trekken zelf-
standigheden in den wijderen cilinder. Door deze drukking komt het vocht
met zeer veel deelen der poedervormige zelfstandigheid in aanraking, door-
dringt ze geheel, en het sterke aftreksel wordt nu druppelsgewijze uit de
onderste kraan opgevangen.
Door de vermelde waarheid worden wij ook geleid tot de verklaring van de