Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
Fig. 60.
Bij de beliaiideling der zwaartekracht is er gezegd, dat wegen niets anders is
dan het onderzoeken en vergeUjken van het vermogen, waarmede de aarde \ er^
schillende dingen naar zich toe trekt. Ook is er verklaard, wat men door soor-
telijk gewigt verstaat, en dat de ligchamen op eenen hoogen berg minder zwaar
wegen dan aan zijnen voet. Men zal n nu het werktuig beschrijven, waarmede
dit verschil in zwaarte kan ontdekt worden. Met de balans of den unster kan
dit niet geschieden, want alles wordt naar evenredigheid ligter, en zijn een-
maal deze balansen aan den voet des bergs in evenwigt, zij zullen het ook op
den top zijn, en geen verschil in zwaarte aangeven. Het weegwerktuig, dat
hiertoe dient, is de veêrbalans oivecrunster ab (fig. 60). Het bestaat uit een' hol-
len metalen cilinder c d, aan welks geslotenen bodem ce zich een ijzeren haak b
bevindt; eene metalen staaf« m is vastgehecht op de ronde plaat k i, die in den
cilinder op en neder kan glijden. Aan deze zelfde plaat is eene sterke stalen veer
verbonden, die zich om de staaf rt m windt, even als de draad
van eenen kurketrekker, zonder de binnenzijden van den cilinder,
en evenmin de slaaf a m zelve aan te raken. Op de voorzijde van
de staaf am wordt het gewigt door verdeelingen, zooals boven
aan in de fig. is te zien, aangeduid. Wanneer men deze balans ge-
bruikt, wordt het te wegcne voorwerp aan den haak b opgehangen,
terwijl het werktuig zelf aan den ring a gedragen wordt. De cilin-
der wordt door het gewigt naar beneden getrokken, het gedeelte-
lijk geslotene deksel d drukt daardoor de veer naar beneden, eu
op de thans meer zigtbaar gewordene staaf a m wordt het gewigt
afgelezen. Het is duidelijk, dat, indien eene zekere massa de veér
zamendrukt tot zij 100 pond aanteekent, dezelfde massa op den
top van een' berg de veer minder zal zamendrukken. Dat zulk een
werktuig ook zeer goed kan dienen, om de krachten van menschen
te bepalen, zal u wel duidelijk zijn. Wij meenen thans genoeg van
de balans te hebben gezegd en verwijzen u ten aanzien der weeg-
werktuigen naar het werk van Venema : over de balans en het wegen.
Toe
a s 8 1 n
en.
Kan men zich zeiven ook overtuigen, of men bij het inslaan van goederen
eerlijk behandeld wordt?
W^aarom hecht men wel eens onder aan het huisje eener balans stukjes lood
of ijzer? Is deze handelwijze wel goed te keuren?
Zou men door de weegmethode van Borda niet in staat zijn, om eiken buigza-
raen stok als balans te gebruiken, in geval men de buiging van dien stok, wan-
neer hij met een bekend gewigt bezwaard wordt, slechts aanteekent?