Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
Verbranding.
So
kan voortgcbragt worden. Zij bestaat uit koperblik en is aan een
Pig. 59. koperen standaard bevestigd, waaraan ziek groo-
tere en kleinere ringen bevinden, waarop men
schalen, kroezen en ander gereedschap plaatst.
Bij het gebruik van dezelve moet men zorgen ,
dat er tusschen de schaal cn den cilinder van de
lamp steeds eene tusschenruimte overblijve, die
toereikende is voor het ontwijken van de heete
lucht en waar het bovenste gedeelte van de vlam
zich kan uitbreiden; laat men dit na, dan heeft
er slechts eene onvolkomene verbranding plaats
en dien ten gevolge een geringere verwarming.
Wanneer de lamp met wijngeest aangevuld zal
worden, moet eerst de vlam uitgedoofd worden, daar anders de
wijngeest onder het ingieten ligtelijk mede in brand geraakt of
bij het overloopen van de lamp eene vuuroverstrooming kan ver-
oorzaken.
113. Indien een ligehaam aangestoken zal worden en voort zal
branden, zoo moet het eerst tot op een bepaald punt verwarmd
en dan op deze temperatuur gehouden worden. Lucifers, of liever
de phosphorus, die daarin bevat is, kan men reeds aan den bui-
tenwand van een ketel, waarin zich kokend water bevindt, aan-
steken. Zwavel ontbrandt bij eene temperatuur die niet veel boven
die van kokend water gelegen is, olie bij eene hitte van 200 a 250",
terwijl sommige koolsoorten eene witgloeihitte, diamant de hitte
van een brandspiegel noodig heeft, om te verbranden. Is eenmaal
een ligehaam begonnen te branden, dan wordt daarbij gewooidijk
genoeg hitte ontwikkelt, om de nog niet brandende deeltjes van
hetzelve op de temperatuur te brengen , die zij ter ontvlamming
behoeven.
114. Proef. Eene dunne platinadraad wordt tot eene spiraal
Eig. 60. gewonden. Laat men deze in eene spiritusvlam wit
gloeijend worden en houdt men ze dan in een eenig-
zins verwarmd glas, waarin men een theelepel sterken
wijngeest gegoten heeft, zoo gloeit de draad in den
damp van den wijngeest voort, terwijl hij in de lucht
spoedig ophoudt met glocijen. De wijngeest verbrandt
langzaam, en verbindt zich met een weinig zuurstof;
de warmte, die daarbij vrij wordt, is toereikende om
den draad gloeijend te houden. Beruikt men het ghis,