Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
80 Niet-mlalen of metalldklen.
eenkomst met de gewone kool, doch men kan haar in zuurstof
volkomen verbranden cn verkrijgt daarbij niets dan koolzuur, en
wel juist zooveel, als of men een even zwaar stuk zuivere houts-
kool of coaks verbrand had. Bijaldien een ligchaam zal kunnen
kristalliseren, zoo moet het te voren vloeibaar gemaakt worden,
en dit geschiedt of door smelting of door oplossing. Wij kunnen
noch het een, noch het ander met de kool doen; zij smelt niet
in de sterkste hitte, zij lost zich in geene bekende vloeistof op;
mögt het eenmaal gelukken, een middel te vinden, om haar vloei-
baar te maken , zoo zal men ook ongetwijfeld diamanten door de
kunst kunnen namaken.
108. De koolstof toont regt duidelijk, hoe zich een en hetzelfde
ligchaam onder geheel verschillende vormen en met geheel verschil-
lende uitwendige eigenschappen kan voordoen. In houtskool, coaks
cn dierlijke kool is zij zwart, zonder eene bepaalde gedaante
(amorph) en ligt vorbrandbaar; in graphiet is zij zwart, bladerig
gekristalliseerd en hoogst moeijelijk verbrandbaar, in dc diamant
kleurloos, als eene vierzijdige dubbelpyramide gekristalliseerd en
insgelijks moeijelijk te verbranden; men noemt de koolstof der-
halve een dimorph of twee vormen hebbend ligchaam. Indien een
ligchaam nog meer dan twee vormen kan aannemen, zoo geeft
men het den naam van polymorph (vele vormpn hebbend). De
oorzaak van deze verscheidenheid ligt altijd in de wijze, waarop
de kleinste deeltjes van de koolstof met elkander verbonden zijn.
Dezelfde vezelen van boomwol, welke gekamd zijnde, naast eu
paralel aan elkander liggen , geven, verward door elkander gesla-
gen, papier; losser verwikkeld, watten; gesponnen, garen; regel-
matig gekruist, katoen; bij andere aaneenschakelingen, fluweel enz.
AVat de mensch hier door kunst vermag, dat vermag ook de na-
tuur door physische cn chemische krachten, doch onvergelijkelijk
fijner, kunstiger enop oneindig meer verschillende wijzen. Wij zien
de zamenvoeging dier kleine deeltjes wel is waar niet met onze
oogen, ook niet door de sterkste vergrootglazen ; maar wij houden
deze wijze van voorstelling toch voor waar en juist, omdat wij
<loor haar in staat zijn, ons de vermelde vcrscheidcnlieid op eene
eenvoudige en ongedwongene wijze te verklaren.
109. Laat men kool in de lucht of in de aarde liggen, zoo
verandert zij niet, zij is bij gewone temperatuur aan geen bederf
of verandering onderhevig, d. i. zij gaat geene verbinding met de
zuurstof der lucht of van liet water aan. Dit gebeurt echter zeer