Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
76
Kiet-metulen of metalloiden.
zodeu of iifvttc aarde bedekt cn vervolgens door gloeijeude kolen
van binnen aansteekt. Deze zouden echter wegens gebrek aan lucht
veder uitgaan, wanneer men niet op
verschillende plaatsen van de houtmijt
gaten door het aarden bedeksel maakte,
waai door er versehe lucht indringen en
de verbrande lucht ontwijken kan. Er
mag evenwel slechts zooveel lucht toege-
laten worden, als tot verkoling of halve
verbranding van het hout noodig is. Is
dit in do nabijheid, waar zich eene ope-
ning bevindt, geschied, zoo sluit men
deze en maakt eene nieuwe op eene andere plaats, waardoor het
vuur in het binnenste van den houtstapel uaar deze plaats trekt.
Eindelijk maakt men alle openingen zorgvuldig digt, opdat het
vuur verstikke. Na het bekoelen vindt men het hout door en door
zwart en verkoold; men kan echter de jaarringen nog duidelijk
erkennen. 1 Pond hout geeft ongeveer .J pond houtskool.
105. Proeven met houtskool,
a) Men wege een stuk versch uitgegloeide houtskool cn late
het een dag op eene vochtige plaats liggen; hot weegt dan zwaar-
der dan te voren, dewijl het in staat is, lucht en waterdamp op
te zuigen cn in zich te verdigten. Doopt men de kool thans in heet
water, zoo zal de lucht er in ontelbare blaasjes weder uit ontwij-
ken, het zware water verdrijft haar en dringt in de plaats van
die lucht in de kleine tusschenruimten of poriën van de kool. Het
knappen en springen van zulke kolen, wanneer men ze in het
vuur werpt, is daardoor ligt te begrijpen; de sneUe verwarming
zet namelijk de in de vol gezogene kool bevatte luchtsoorten en
waterdampen zoo sterk uit, dat deze, om te kunnen ontwijken, de
kool doen barsten. Versch gegloeide kool is daarom geschikt,
ziekenkamers en andere met ongezonde uitwasemin-
gen cn luchtsoorten gevulde ruimten te reinigen.
b) Versch gegloeide houtskool wordt tot grof poeder
gewreven en op een papieren filtrum uitgeschud. Op
deze kool giet men nu rooden wijn of water, dat men
met eenige droppels inkt zwart gekleurd heeft; de vloei-
stof zal kleurloos of ten minste veel helderder uit den
< rechter loopen; de kool heeft de kleurstof geabsor-
beerd en terug gehouden. In dc suikcrrafiniadcrijon
Eig. 53.