Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
60 Niet-metalen of metallöiden.
horologieveer wordt om een griifel of iets dergelijks gewonden,
Fig. 30. zoodat zij, er afgeschoven zijnde, eene spiiaal vormt.
Het bovenste einde van deze spiraal klemt men in een
plankje, even als bij proef c, en voorziet het andere
einde met een stukje zwam. Is dit aangestoken, zoo
steekt men den spiraal in de zuurstof; de door het
verbranden van het zwam ontwikkelde hitte maakt den
draad gloeijend, en bij deze hooge temperatuur kan
het ijzer zich spoedig met de zuurstof verbinden: het
verbrandt, terwijl er heldere vonken af springen. Het
verbrande of geoxydeerde ijzer (hamerslag) smelt, en de afvallende
bolletjes zijn zoo heet, dat zij door het op den bodem aanwezige
water heen nog in het glas insmelten; deze warmte is, even als in
de voorgaande gevallen, een gevolg der plaats hebbende chemische
verbinding. Het ijzeroxyde is onoplosbaar in water, het reageert
daarom noch op het blaauwe noch op het roode reageerpapier; ware
het oplosbaar, zoo zoude het hetzelfde verschijnsel als het sodium-
oxyde vertoonen, namelijk het roode papier blaauw kleuren.
69. Men noemt de zuurstof-verbindingen, welke niet zuur zijn ,
maar met het sodiumoxyde of het ijzeroxyde in eigenschappen
overeen komen, bases of basische oxyden. Van de verbindingen
der metalen met zuurstof behooren de meeste tot de bases.
70. Bij deze proeven zal zich ligtelijk de vraag opdoen: hoe-
veel hebben de in elk glas aanwezige 8 greinen zuurstof opgeno-
men van de kool, de zwavel enz.? Het antwoord hierop is: zij
hebben zeer verschillende hoeveelheden opgenomen, namelijk:
Er hebben zich verbonden
8 gr. zuurstof met 3 gr. kool tot 11 gr. koolzuur
8 // // » 8 // zwavel « 16 n zwaveligzuur
8 » » » 6 » phosphor // 14 » phosphorzuur
8 // u n 23 u sodium « 31 u sodiumoxyde
8 // t n 28 ff ijzer o 36 „ ijzeroxydul-oxyde
8 gr. zuurstof zijn in het water verbonden met 1 gr. waterstof
tot 9 gr. waterstofoxyde (water).
Men kan het koolzuur op geheel andere en zeer verschillende
wijzen verkrijgen, maar het is altijd zoo zamengestcld, dat op
8 greinen zuurstof 3 gr. kool komen, en dezelfde regelmatigheid
treffen wij bij de overige genoemde, ja bij alle chemische verbin-
dingen aan. Het is eene natuurwet: de chemische verbindingen
geschieden altijd volgens vast bepaalde, onveranderlijke maat- of