Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
Ztmrsiof of oxtjgenium. 47
gaande figuur aantoont. Hierop verhit men het reageerbuisje zoo
lang, tot al het kwikzilver-oxyde verdwenen is. Het roode poeder
wordt langzamerhand zwart, terwijl uit de glazen buis luehtbellen
opstijgen , die men in eene daarboven gehouden flesch opvangt.
Deze flesch wordt eerst met water gevuld en dan omgekeerd, na
de opening met den vinger of met een glazen schijfje digt gehouden
te hebben, in de kom gezet. Neemt men den vinger weg, wanneer
de opening der flesch zich onder water bevindt, zoo loopt er niets
uit; dit geschiedt eerst dan , wanneer er luchtbellen in komen, die
wegens hare grootere ligtheid opstijgen en het water verdringen.
Is de flesch ledig, zoo sluit men haar onder water met eene kurk
en neemt ze weg; boven de glazen buis zet men dan eene tweede,
eveneens met water gevulde flesch, en wanneer de gasontwikkeling
voortduurt, nog eene derde, vierde enz. De eerst te voorschijn
komende luchtbellen bestaan uit de lueht van het reageerbuisje,
welke door de wannte uitgezet wordt, doch weldra volgt het zuur-
stofgas, het eene bestanddeel van het kwikzilveroxyde, hetgeen
men ligtelijk daaraan erkent, dat een glimmende zwavelstok daarin
begint te vlammen. Gelijktijdig vormt er zieh in het bovenste ge-
deelte van het buisje een glinsterende metaalspiegel, die uit kwik-
zilver bestaat, het tweede bestanddeel van het kwikzilveroxyde. Is
het laatste geheel verdwenen, zoo haalt men de buis uit het water,
laat den toestel bekoelen en brengt het aan de wanden hangende
kwikzilver met eene veder bij een; het zal 101 grein wegen ; wat
aan de 109 grein ontbreekt, = 8 grein, is zuurstof geweest. Het
rooder poeder bestond alzoo uit een glanzend zwaar metaal en uit
eene luchtsoort, twee zoo geheel ongelijksoortige ligchamen. Yer-
eeaigt men beide op eene geschikte wijze chemisch met elkander ,
zoo verbinden zij zich en wel naauwkeurig in de opgegeven ge-
wigtsverhouding weder tot rood oxyde, een ligchaam, waarin de
eigenschappen van kwik en van zuurstof geheel verdwenen zijn.
57. Deze proef toont verder, hoe de kracht der warmte alleen
iu dit geval in staat is, eene chemische verbinding of, hetgeen het-
zelfde is, de verwantschap van twee ligchamen tot elkander op te
heffen. Men kan zich dit aldus verklaren ; de kracht der chemische
verwantschap werkt slechts in de grootste nabijheid, derhalve dan,
wanneer de ligchamen elkander op het innigste aanraken, doch de
warmte werkt deze kracht tegen, zij zet de ligchamen uit, zij ver-
wijdert de deeltjes van elkander. In de koude of bij gewone
temperatuur liggen in het kwikzilveroxyde deeltjes de kwikzilver en