Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
520 Plantemtoffen.
len en in dc pijp van den trecliter opstijgen; staat het water
binnen en buiten den trechter even hoog, dan neemt men de prop
weg en houdt eenen glimmenden zwavelstok in hot verzamelde
gas; men zal dan bevinden, dat het zuurstof is. Deze zuurstof is
afkomstig van het koolzuur; dat in het water bevat is, welk kool-
zuur door de plant onder den invloed van het licht in zijne be-
standdeelen ontleed wordt; dc zuurstof komt daarbij vrij en ont-
wijkt, de koolstof blijft in dc plant terug. De planten ademen kool-
zuur in en geven, onder den invloed van het licht, zuurstof van zich.
Proef. Men herhale de vorige proef met dat onderscheid, dat
men iu plaats van gewoon water , selterswater gebruikt; dit bevat
eene grootere hoeveelheid koolzuur cn de ontwikkeling van zuur-
stof is dientengevolge ook sterker en langduriger. De hoofdraassa
der planten bestaat uit stoifen, die uit drie elementen bestaan,
namelijk uit eellenstof, gom, slijm, suiker enz,; al deze stoffen
kunnen zich uit koolzuur (CO,) en water (HO) vormen, wan-
neer deze onder de omstandigheden, waartoe de stofwisseling in
de levende plant aanleiding geeft, te zamen komen. Geschiedt dit,
dan moet er noodwendig zuurstof vrij worden, want uit
koolzuur = koolstof, zuurstof
en water = waterstof, zuurstof
ontstaat: waterstof, zuurstof, koolstof zuurstof,
V-- — ■ —-/
cellcnstof, amylum, slijm enz. die vrij wordt.
In dit schema is de voorstelling gevolgd, dat de elementen van
het water zich met de kool.stof van het koolzuur verbinden; het
is echter even goed mogelijk , dat de elementen van het koolzuur
zich met de waterstof van het water verbinden en dat dus de
vrijwordende zuurstof uit het water afkomstig is; de chemische
werking zou dan eenigzins anders zijn, maar overigens bleef de
zaak geheel dezelfde. Uit
water = waterstof, zuurstof,
in koolzuur = koolstof, zuurstof,
ontstaat: koolstof, zuurstof, waterstof-f zuurstof,
—-s^-——-'
plantenvezels, amylum enz. die vrij wordt,
c. De ammonia levert aan de planten de stikstof. AVanneer
dierlijke en plantaardige stoffen verrotten, zoo vormt zich uit de
stikstof, die zij bevatten , ammonia, uit de koolstof koolzuur; deze
beide producten vcrcenigen zich tot een vlugtig zout, dat in dc