Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
Harsen en gomharsen. 4S3,
Froef. In de grootste hoeveelheid komt de hars op die plaatsen
uit de boomen te voorschijn , waar zich de takken en knoesten be-
vinden , wordt zulk een met hars doordrongen stuk hout aan het
eene einde aangestoken en met een ijzer-
draad in eeue schuinsche rigting boven een
vat met water gehouden, dan verbrandt een
gedeelte der hars met eene roetgevende
vlam, terwijl een ander gedeelte door de
warmte smelt en in het water afvloeit.
Hars is in water onoplosbaar, zij verhardt
daarin dus terstond, zonder zich er mede
te vermengen. Ook op deze wijze, door uit-
branden, kan men uit vele planten de harsen verkrijgen; hare
kleur is dan echter gewoonlijk donkerder, daar een gedeelte ge-
durende het uitsmelten brandig en daardoor rijker aan koolstof
geworden is , naar de algemeene wet, dat de waterstof eerder
verbrandt dan de kool.
Froef. Men legge een stuk pijnboomenhout in sterken wijngeest
en late het een dag lang op eene warme plaats staan ; de hars
lost zich op, het hout blijft achter. De oplossing wordt met eene
8 voudige hoeveelheid water vermengd en verkrijgt daardoor een
troebel, melkachtig aanzien, daar de hars nedergeslagen wordt,
maar zoo fijn verdeeld, dat zij onder de gedaante van kleine
kogeltjes in het water blijft drijven. Brengt men deze vloeistof
aan de kook, zoo worden de harsdeeltjes weck en vereenigen zich
tot klompen , die men verzamelen en tot grootere stukkeu ver-
eenigen kan. Dit is eene derde wijze, om harsen uit planten te
verkrijgen.
VEKSCHILLEIïDE SOORTEN VAN HARSEN.
570. De belangrijkste harsen zijn:
Pijnhars, de hars onzer pijnboomen,
Galipot, eene zeer heldere, geelachtig witte soort van pijnhars,
die uit Frankrijk komt.
Copal, geelachtig wit of bnun, zeer hard, komt met zand en
aarde bedekt tot ons en wordt daarvan door wasschen met loog en
afvijlen gezuiverd. Dc uit West-Indie en Afrika komende hars
heeft eene gladde oppervlakte, de Oost-Indische daarentegen is
ruw en korrelig. Zij is in gewonen wijngeest onoplosbaar, in
31*