Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
472
boomolie bereide zeep, zoo scheidt zich een olieachtig vocht af,
dat voornamelijk uit elaïnezuur bestaat.
Voor het uitwendige onderscheidt zich het elaïnezuur bijna niet
van de boomolie, maar wel daardoor, dat het zuur smaakt en
reageert (boomolie niet) en veel gemakkelijker in kouden wijngeest
oplosbaar is. Het als nevenproduct in de stearinezuur-fabrieken
gewonnen wordende elaïnezuur komt tegenwoordig in den handel
voor en wordt wegens zijnen geringen handelsprijs ter zeepberci-
ding en iu de spinnerijen tot het vet maken der wol aangewend.
Het vloeibare vetzuur dat men uit de zeepen der niet droogende
oliën verkrijgt, is niet in alle opzigten gelijk aan dat der droogende
oliën, en dit laatst« wordt daarom met den bij zonderen naam
oleïnezuur onderscheiden. Brengt men salpeterigzuur met elaïne-
zuur of eene van zijne verbindingen in aanraking, zoo verandert
dit zich onmiddellijk in eene vaste witte massa, die gekristalliseerd
kan verkregen worden cn den naam van elaïnezuur draagt; het
oleïnezuur vertoont deze reactie niet.
546*. Froef. Men verzeepe een weinig boter (die eerst door
uitsmelting met water van keukenzout bevrijd moet zijn) cn ont-
lede de verkregen zeepoplossing door toevoeging van eene wijn-
steenzuuroplossing. De afgescheiden in water onoplosbare vetzu-
ren worden door filtratie door een vooraf nat gemaakt papier
afgescheiden en de doorgeloopen vloeistof gedestilleerd. Het overge-
destilleerde vocht is zuur vau smaak en maakt blaauw lakmoespa-
pier rood. Het bevat eenige zuren , die in de boter met glyceryl-
oxyde tot vetten verbonden nevens oleïne en margarine voorhanden
waren. Deze zuren waaronder het boterzuur (516) eene eerste plaats
inneemt, zijn , zoo als deze proef leert niet alleen in water oplos-
baar , maar ook zoo vlugtig, dat zij gemakkelijk met de water-
dampen ovcrdestilleren. Zij vertoonen den kenmerkenden reuk van
rans geworden boter in hooge mate (543*).
Het boterzuur bestaat uit 0,11,0^; het margarinezuur uit
Cj^Hj^O^. Bijna alle vetzuren hebben ccne dergelijke zamen-
stelling en bevatten op 4 aeq. zuurstof een even en gelijk aantal
aeq. koolstof en waterstof , zoodat zij door eene algemeene formule
Cnlln-l-O. kunnen worden voorgesteld, in welke n een geheel
getal beteek ent. Men kent er een groot aantal, die eene gelijk-
matig opklimmende reeks vormen , van n'=:6 (C,H,0,, metace-
tonzuur, een zuur dat ónder sommige omstandigheden uit koolhy-
draten kan ontstaan) tot n=:60 melissinezuur, een