Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
m
PluiiteHstoffen.
maar door verdamping verdreven wordt, blijft het met de zeep
vermengd aehter.
544*. De vetzure glyeei-yloxydezouten kunnen eehter ook nog
op andere wijzen in zuur en basis gescheiden worden. Zoo kun-
nen b. v. vele vetten door de inwerking van zwavelzuur op die
wijze ontleed worden , maar de merkwaardigsten invloed oefenen
de ons reeds bekende proteïnestoffen uit. Deze stoffen planten,
gelijk wij gezien hebben, den staat van omzetting, waarin zij
hoogst gemakkelijk geraken, dikwijls over op de ligchamen, waar-
mede zij in aanraking zijn en geven daardoor aanleiding, dat
ook deze ontleed worden. Zoo is het ook met de vetten het ge-
val en haar invloed bewerkt hier eene langzame scheiding in vet-
zuur en glyceryloxyde. Dit is de reden van het zoogenaamde
rans worden der vetten.
Behalve de drie voornaamste enkelvoudige vetsoorten, stearine,
margarine en elaïne, komen er, zoo als wij gezien hebben, nog
een aantal andere in geringe hoeveelheid in de natuurlijke vetten
voor en deelen aan het vet van verschillende dieren of planten de
eigenschappen mede, waardoor zij van elkander onderscheiden zijn.
Vele van deze bevatten onaangenaam riekende en smakende zuren,
terwijl het stearine-, margarine- en elaïnezuur reukeloos cn sma-
keloos zijn. De natuurlijke vetten bevatten, ten gevolge hunner
bereidingswijze, veelal kleine hoeveelheden proteïnestoffen , afkom-
stig van de plantaardige of dierlijke organen, waaruit zij zijn
afgeseheiden en als deze onder den invloed van vochtige warmte
cn lucht aanvangen te bederven , bewerken zij de afscheiding de-
zer zuren, waardoor de vetten zelve een onaangenamen reuk en
smaak bekomen.
Men kan rans geworden vetten daardoor weder in hun oor-
spronkelijkeu staat herstellen, dat men ze omsmelt met water,
waarin men een weinig koolzure soda of potasch heeft opgelost.
Daardoor worden de afgescheiden zuren gemakkelijk opgenomen
en afgescheiden.
zeep ek zurek.
545. Proef. Van de harde sodazeep losse men een weinig in
warm water op en droppele er zoo lang azijn bij, als er nog troe-
belheid ontstaat; azijn is even als de meeste andere zuren sterker
dan de vetzuren en onttrekt hun dus de basis terwijl de vetzuren