Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
Vellen en vette oliën. 465
Zoo als wij hier in het klein_gedaan hebben, doen de zeepzie-
ders in het groot; zij bereiden uit houtasch en kalk eene bijtende
potaschloog, koken daarmede de vetten en vervormen de potasch-
zeep door keukenzout tot sodazeep.
Wij willen nu de scheikundige werking die bij de verzeeping
plaatsgrijpt, nader in oogenschouw nemen.
543. Vetzuren. De gewone natuurlijke vetten zijn, zoo als wij in
533 gezien hebben, mengsels van verschillende eenvoudige, vaste
of vloeibare vetsoorten, waarvan de stearine de meest verspreide
vaste,, de elaïnc de meest bekende vloeibare is. Deze nadere be-
standdeelen der in de natuur voorkomende vetten kunnen als
organische zouten beschouwd worden, d. i. als verbindingen van
een zuur met eene basis.' Elke enkelvoudige vetsoort bevat een
eigen zuur ; de stearine stearinezuur, de margarine margarinezuur,
de elaïne elaïnezuur , de palmitine palmitinezuur enz.; maar zij
bevatten allen eene en dezelfde basis , waaraan men den naam
van glyceryloxyde (oliezoet) gegeven heeft.
Stearine is dus: stearinezuur glyceryloxyde,
elaïne » » elaïnezuur «
talk H H een mengsel van veel stearinezuur glyceryl-
oxyde met weinig elaïnezuur glyceryloxyde enz.
Ter aanduiding der verschillende in de vetten bevatte zuren
aullen wij in het vervolg steeds den algemeenen naam vetzuren
gebruiken. Vetten iu het algemeen zijn dus als mengsels van
vetzure glyeeryloxydezouten te beschouwen.
544. De zeepvorming wordt daardoor geheel tot een gevolg
der keurverwantschap teruggebragtde sterkere bases namelijk,
potasch en soda, verdringen het zwakkere glyceryloxyde en ver-
binden zich met de vetzuren tot in water oplosbare vetzure zou-
ten, waaraan wij den naam van zeepen geven: vetzure soda
(sodazeep) of vetzure potasch (potaschzeep).
Uit potaseh en vetzuur glyc. oxyde Uit soda en vetzuur glyc. oxyde
ontstaat ontstaat
vetz. potaseh en vrij glyc. oxyde. vetz. soda en vrij glyc. oxyde.
(potaschzeep). (sodazeep).
Het afgescheidene in water oplosbare glyceryloxyde blijft in de
beide eerste proeven in het water terug; bij de weeke zeep eeh-
ter, waar het overvloedige water zieh niet van de zeep afscheidt,
30