Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
m
■I
Feilen en vette oliën. 459
scheiden, zijn niettemin goed bekend. Voornamelijk verschillen
zij in vloeibaarheid. Zuivere stearine smelt bij 62°, margarine bij
44°, terwijl elaïne onder het nulpunt nog vloeibaar is. Hieruit
blijkt duidelijk, dat het verschil in hardheid en vloeibaarheid der
natuurlijke vetten afhangt van de betrekkelijke hoeveelheid marga-
rine of stearine en elaïne , die zij bevatten. Zoo bestaat runder-
vet, voor I uit stearine, boomolie voor i uit elaïne. Stearine, mar-
garine en elaïne zijn in water volkomen onoplosbaar; in alcohol
en aether is elaïne zeer gemakkelijk, margarine moeijelijk en stea-
rine slechts bij verwarming oplosbaar.
533*. De natuurlijke vetsoorten zijn dus wat de hoofdzaak
aangaat in hare zamenstelling gelijkvormig aan elkander en ver-
schillen slechts door de verhouding in welke de drie hoofdvetstof-
fen, stearine, margarine en elaïne, die allen smaak- en reukloos
zijn, daarin worden aangetroffen. Maar daarenboven hebben de
vetsoorten van verschillenden oorsprong een verschillenden smaak
en reuk, die haar onderscheiden gebruik in de geneeskunde cn in
de keuken bepalen. Nevens stearine, margarine en elaïne vindt
men in alle natuurlijke vetten'' nog geringe hoeveelheden van
verschillende vreemde stoffen ingemengd, die de oorzaak zijn van
hun eigen smaak en reuk. Ook deze komen in hare chemische
eigenschappen met de beschrevene eenvoudige vetsoorten overeen,
maar zijn overigens van deze zoowel als onderling in zamenstelling
en in reuk en smaak onderscheiden. Zoo bevat b. v. de boter be-
halve elaïne en margarine eene vetsoort, die den naam van butyrine
draagt en is daaraan haar eigen smaak en reuk verschuldigd enz.
De voornaamste natuurlijke vetten zijn :
A. UIT HET PLANIENJIIJK.
a. Droogende oliën.
534. Lijnolie. Het bekende lijnzaad geeft bij uitpersing | van
zijn gewigt gele olie, die, wanneer men ze aan het zonlicht
blootstelt, langzamerhand ontkleurd wordt. Zij wordt algemeen
voor de olievernisscn gebruikt.
Proef. Bij 2 lood lijnolie voege men ^ drachme loodglit en j dr.
loodazijn en late het mengsel onder gedurig omroeren eenige
dagen op ccne warme plaats staan. De door bezinking liclder
geworden vloeistof droogt nu veel spoediger dan vroeger, zij