Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
458 PluiiteHstoffen.
eenvoudige votsoorten, die zieh, zonder chemische ontleding,
van elkander laten scheiden.
Proef. Stelt men een glas boomolie aan de winterkoude bloot,
zoo verstijft ccn gedeelte daarvan tot een vaste, talkachtige massa,
terwijl een ander gedeelte vloeibaar blijft; de olie wordt derhalve
door de koude in twee vetten, een vast en een vloeibaar, geschei-
den. Het vaste draagt den naam van margarine, het vloeibare
van elaïne. Door herhaalde verkoeling kan het grootste gedeelte
der margarine uit de olie afgescheiden worden. De verkregen
margarine wordt zoolang tusschen vloeipapier gedrukt, als dit er
vloeibare deelen (elaïne) uit opneemt.
Proef. Men windt om een' glaasje een ijzerdraad, maakt cr
een paar handvaten aan, waarmede men het in een potje kan
ophangen, hetwelk men half met water vult en boven eene lamp
verhit. In het glaasje brenge men 1 drachme talk en zoo veel
sterken wijngeest, het liefst absoluten alcohol, dat het voor ^ ge-
vuld is. Kookt de vloeistof iu het glaasje, zoo neemt men de
Kg. 208. het glaasje nog zoo lang in het
waterbad, tot dat" de gesmolten talk weder op den
bodem gezonken is en giet dan den heeten wijn-
geest in een bekerglas. Dit uitkoken wordt 3 of
4 malen, steeds met nieuwen wijngeest, herhaald.
Den gezamenlijken wijngeest laat men in een be-
dekt glas eenige uren in koud water staan en fil-
treert later de vloeistof van het afgescheiden grijs-
achtige poeder af, hetwelk men nog eenige malen met kouden
wijngeest afwascht en op eene luchtige plaats droogt. Deze na
het droogworden eenigzins glanzende, bladerige massa is de stearine
van de talk; de elaïne is in den afgefiltrecrden wijngeest gebleven,
waaruit men ze als eene dikke olie verkrijgt, wanneer men de
vloeistof op eene warme plaats laat verdampen.
Zoo als uit deze proeven volgt, zijn margarine, stearine en
elaïne de nadere bestanddeelen der vetten. Stearine is het voor-
naamste bestanddeel der harde vetten, runder- en varkensvet, mar-
garine het vaste bestanddeel der plantenvetten en der weeke
diervetten, zoo als dat van menschen, terwijl elaïne het vloeibare
gedeelte der plantaardige en dierlijke vetten uitmaakt. Deze drie
stoffen zijn zeer moeijelijk zuiver te bekomen, daar wij slechts onvol-
komen middelen kennen, om ze geheel van elkander af te zonderen,
maar de hoofdeigenschappen, waardoor zij zich van elkander onder-