Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
454 PluiiteHstoffen.
zeembereider zijne sehapenhuiden met yisoMraan (walken), wanneer
hij ze tot een zacht en buigzaam handschoenenleder zal verwerken
enz. Vooral bij de klei en leem is de geneigdheid om vet op te
zuigen groot, zoo als blijkt uit hunne eigenschap, om het in
papier en hout ingedrongen vet er weder uit te trekken. Dunne
ligehamen verkrijgen, wanneer hunne poriën in plaats van met
lucht, met vet gevuld zijn, meerdere doorschijnendheid; zoo wordt
papier geheel doorschijnend, wanneer er een vetvlek op gewor-
pen is.
De vetten drijven op water en hebben derhalve een geringer
specifiek gewigt dan water. Deze eigenschap gebruikt men om
van andere ligehamen, die men daarmede overgiet, de lucht af
te sluiten. Eene oplossing van ijzervitriool trekt, aan de lucht
blootgesteld , zeer spoedig zuurstof aan en laat bruin ijzeroxyde
vallen (285); zij blijft echter onveranderd, wanneer men ze met
een dun laagje olie bedekt. Versch uitgeperst citroensap beschim-
melt spoedig, wanneer het met de lucht in aanraking is, onder
een laagje olie echter niet. Ingemaakte vruchten houden zich veel
langer goed, wanneer zij met gfesmolten boter overgoten worden.
De vetten zijn onoplosbaar in water en kunnen dus gebruikt
worden om andere ligehamen voor het indringen van water te
behoeden. Door onze schoenen en laarzen met vet en talk in te
smeren maken wij ze ondoordringbaar voor water; door het
hout- en touwwerk der schepen met lijnolie of lijnolievemis te
bestrijken beletten wij, dat de vochtigheid ze te spoedig doet ver-
rotten; door inwrijving met olie verhinderen wij het roesten van
het ijzer enz. Palen, die met olie volkomen doordrongen zijn,
houden zich, zoo als onlangs genomene proeven bewezen hebben,
in vochtige aarde onveranderd, terwijl hout in den gewonen staat
dikwijls binnen weinige jaren reeds geheel vermolmd is.
525. Emulsie. Proef. Een weinig olie wordt in een reageer-
buisje met wat water sterk geschud; de olie verdeelt zich in zeer
kleine droppeltjes en maakt het water melkachtig troebel, maar
na eenigen tijd scheiden beide vloeistoffen zieh weder volkomen
van elkander af. Zij blijven eehter veel langer met elkander ge-
mengd , wanneer in het water slijmige stoffen, b. v. gom of eiwit
opgelost zijn, zoo als men ligt beproeven kan, door olie eerst
met eiwit, eidoor of eene dikke oplossing van arabische gom za-
men tc wrijven en er dan eerst langzamerhand water bij te voe-
gen. In do verkregene melkachtige vloeistof, die men emulsie