Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
448 PluiiteHstoffen.
namelijk aan de oppervlakte van het brood, die van het gewelf
van den oven de grootste hitte ontvangt. Wordt de korst van
het heete brood met water bestreken en dan weder eenige minu-
ten in den oven gebragt, zoo lost er zieh wat dextrine op en
vormt na het verdampen van het water, de glimmende oppervlakte,
die wij bij het brood dikwijls waarnemen.
520. Met meer of minder voordeel kan men het voor het rijzen
van het brood noodige koolzuur ook op andere wijzen, dan door gis-
ting van suiker ontwikkelen, ja men kan hiervoor ook geheel andere
ligchamen bezigen, wanneerzij slechts in de hitte gasvormig worden.
Proef. Men vermenge 2 grein fijngewreven dubbel koolzure
soda naauwkeurig met li drachme meel en knede dit met 1
drachme water , waarbij men 4 droppels gewoon zoutzuur gevoegd
heeft, tot deeg. Dit deeg wordt eerst eenige uren op eene warme
plaats gelaten en daarna in eenen oven of in eenen lepel boven
eene spiritusvlam gebakken. Men verkrijgt eene gerezene brood-
massa, daar het koolzuur van het sodazout door het zoutzuur rdt-
gedreven wordt en het nog weeke deeg doet rijzen. Het zich
hierbij vormende chloorsodium, blijft iu het brood terug en deelt
het eenen krachtigen smaak mede. Men heeft deze methode op vele
plaatsen in het groot bij het broodbakken in aanwending gebragt.
Proef, li Draehme meel worden met eenige greinen koolzure
ammonia gemengd, met 1 drachme laauw water tot deeg gekneed
en op dezelfde wijze als bij de vorige proef behandeld. Ook hier
zal de massa , wanneer zij gebakken is, gerezen en poreus zijn,
daar de koolzure ammonia in de hitte gasvormig wordt en zoo het
deeg uit elkander drijft. Op deze wijze worden vele zeer ligte
gebakken bereid. Ook wijngeest en mm oefenen dezelfde werking
uit, schoon in mindere mate, weshalve men ze dikwijls onder het
deeg, dat gebakken zal worden, kneedt.
OVEEZIGT DEE VEKANDEEINGEN, DIE SUIKER EN WIJNGEEST
ONDEEGAAH.
1. De suiker verandert:
a. wanneer men haar zuurstof en waterstof onttrekt, in
bruine , koolrijke ligchamen en water.
b. wanneer men haar zuurstof toevoegt, in suikerzuur, zu-
ringzuur en water, en eindelijk in koolzuur en water.
c. in aanraking met stikstofhoudende ligchamen, die zich