Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
Verandering der suiker in wijngeest. 429
van ecuig belang, daar deze vloeistof gewoonlijk bij de maat ver-
kocht wordt.
Deze zamentrekking, die er bij de vermenging van alcohol met
water plaats grijpt is ook de reden, dat de specifieke zwaarte van
een mengsel dezer beide vloeistoffen niet in dezelfde verhouding
kleiner wordt, naarmate het gehalte aan alcohol aanzienlijker is.
Indien men b. v. bij het mengen van 50 maten watervrij en alco-
hol en 50 maten water juist 100 maten overhield, dan zoude de
specifieke zwaarte van dit mengsel juist in het midden moeten ge-
legen zijn tusschen
0,792 de digtheid van den alcohol en
1,000 « u » het water,
O 792-1-1 000
en zou derhalve-^--—-—0,896 moeten bedragen; de proef
z
leert echter dat zij 0.971 is. De vloeistof is dus zwaarder omdat
zij zich zamengetrokkcn heeft. Dit is ook de reden, dat men niet
door eenvoudige berekening uit het specifiek gewigt van een meng-
sel van alcohol en water het gehalte aan alcohol kan afleiden, maar
dat men daarvoor tabellen noodig'heeft, die dit gehalte van elk
bijzonder specifiek gewigt aangeven. Deze tabellen zijn gemaakt
door naauwkeurig afgemeten hoeveelheden alcohol cn water te ver-
mengen en van de verkregen vloeistof het specifiek gewigt bij de
proef te bepalen.
Het kookpunt van zuiveren alcohol is bij 78° gelegen, dat van
water bij 100°, cn mengsels van beide hebben een tusschen 78°
en 100° liggend kookpunt, dat des te hooger is, naarmate het wa-
tergehaltc aanzienlijker is. Men heeft daarom ook wel het kook-
punt eener wijngeesthoudende vloeistof gebruikt, om haar gehalte
te bepalen.
502. Even als het water, zoo is ook de wijngeest voor vele
stoffen een oplossingsmiddel; hij lost niet alleen vele stoffen op, die
ook in water oplosbaar zijn b. v. looizuur, suiker enz., maar ook
vele, die in water geheel of ten deele onoplosbaar zijn, harsen,
vlugtige oliën enz.
Troef. In een fleschje overgiete men 1 drachme fijn gestooten
galnoten met 2 lood water, in een ander even zoo veel galnoten
met 2 lood wijngeest, binde beide met eene natte blaas, waarin
men eenige gaatjes prikt, toe en late ze eenige dagen op eene
warme plaats staan. In beide verkrijgt men eene donker gekleurde
vloeistof (tinctuur), die eenen zeer zamentrekkenden smaak heeft