Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
412 Planteiistoffen.
ken. Is de ontleding verder gevorderd, zoo ontstaan ook hier
bruine humnsaehtige ligchamen.
Hoe weinig streelend voor onze zintuigen ook de producten van
verrotting zijn mogen, zoo bevatten zij toch de kiem der schoonste
verbindingen in zich; geene plant, die niet uit zulke stoffen oor-
spronkelijk is gevormd. Ja, juist de onaangenaamst riekende rot-
tende stoffen behooren tot de krachtigste middelen, die wij kunnen
aanwenden, om de vruchtbaarheid onzer volden te bevorderen.
481. Salpetcrvorming. Proef. Men vermenge in den zomertijd
lijnmeel met houtasch, zand en kalk en stelle dit mengsel eenige
maanden aan de lucht bloot; terwijl men het herhaaldelijk met
water bevochtigt en omroert. Trekt men na dezen tijd de massa
met heet water uit, zoo zetten zich uit de vloeistof, bij verdam-
ping van het water, zuilvormige kristallen af, die op gloeijende
kolen ontploffen; het is salpeter (207.) Ook hier ontstaat bij de
verrotting van het planteneiwit, dat in het lijnmeel in aanzienlijke
hoeveelheid bevat is, eerst ammonia; maat deze ontleedt zich onder
den invloed der aanwezige bases nog verder, d. i. neemt zuurstof
uit de lucht op, en daardoor wordt de waterstof tot water, de
stikstof tot salpeterzuur geoxydeerd, welk laatste zieh met den
kalk tot salpeterzuren kalk verbindt. De salpeterzure kalk wordt
door de koolzure potasch, in de houtasch bevat, ontleed iu krijt
en salpeter.
Op deze wijze ontstaat menigvuldig salpeter in de bouwbare
aarde, eu komt zoo in het sap der planten; zoo is het bekend, dat
beetwortelen en tabak, wanneer zij op eenen sterk bemesten hodem
groeijen, even als de gewoonlijk op mesthoopen voorkomende plan-
ten , bilsenkruid, doornappel enz., dikwijls zoo rijk aan salpeter zijn,
dat zij, gedroogd zijnde, op gloeijende kolen onder verspreiding
van vonken verbranden.
482. De gemakkelijke ontleedbaarheid, die de eiwitstoffen zoo
zeer kenmerkt, verklaart zich naar het hier boven gezegde ligte-
lijk, wanneer men bedenkt, dat zij vijf of zelfs zes elementen be-
vatten en wel van elk verseheidene atomen (426, 430). Zij zijn
het, waarvan de verrotting, het bederf cn elke andere ontleding
der dierlijke en plantaardige stoffen, die onder den invloed van
lucht, vochtigheid en eene niet te hooge noch te lage temperatuur
vrijwillig intreedt, uitgaan. Worden zij aan den invloed van het
leven onttrokken en aan deze omstandigheden, lucht, water, warmte,
blootgesteld, dan vangt oogenblikkelijk onder opslorping van zuur-