Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
406 Plaiitensioffen.
Mengt men eene stroop Tan rietsuiker met azijnzuur en verdampt
men de vloeistof op een waterbad zoo ver mogelijk, dan zetten
zieh daaruit na verloop van eenige dagen kleine kristallen af : dit
zijn kristallen van druivensuiker.
De rietsuiker wordt derhalve door koking met organisehe zuren
in kristalliseerbare vruchtsuiker veranderd. Het kan dus niet ver-
wonderen, dat, terwijl in het sap van bijna alle planten suiker-
soorten worden aangetroffen, er echter slechts weinige zijn die
rietsuiker bevatten. De meeste plantensappen toch zijn rijk aan
zuren en integenwoordigheid van deze kan geene rietsuiker bestaan,
maar moet zij in vruehtsuiker veranderd worden. Behalve het
suikerriet en de beetwortel zijn het hoofdzakelijk slechts de ahorn-
boom , de stengels der maïs (turksch koren) en sommige palmsoor-
ten , die rietsuiker bevatten.
Ook de melksuiker wordt door verhitting met zuren in onkristal-
liseerbare vruchtsuiker veranderd.
De verandering van rietsuiker in vruchtsuiker kan nog op me-
nigerlei andere wijzen te voorschijn gebragt worden, b. v. door
eene lang voortgezette koking itan suikeroplossingen, door koking
met verdund zwavelzuur enz. Ook bij de gisting gaat de rietsui-
ker en even zoo de melksuiker eerst tot druivensuiker over. Daar-
entegen kan op geenerlci wijze uit de overige suikersoorten riet-
suiker worden gemaakt. Kookt men suiker aanhoudend met ver-
dund zwavelzuur, zoo verandert zij eindelijk in een bruin, humus-
achtig ligehaam. Met salpeterzuur en andere zuurstof afgevende
zuren verhit, oxyderen de suikersoorten en ook de zetmeclsoorten
en de dextrine zich trapsgewijze, eerst tot suikerzuur, vervolgens
tot zuringzuur en eindelijk tot koolzuur en water.
Mot loodoxyde, kalk euvele andere bases kan dc suiker zich in
vaste verhoudingen verbinden, eu verhoudt zich derhalve tegenover
dezelve meer of min als een zuur; hare zoete smaak gaat daarbij
echter verloren.
OVEEZIGT VAN DE TOT HIEETOE BESCHOUWDE PLANTENSTOEEEN.
(ccllenstof, zetmeel, gom, plantenslijm cn suiker).
1. Organische stoffen noemt men zoodanige verbindingen, die
i J zich in dieren en planten gedurende hun leven vormen (edueten).
2. AVij geven dezen naam echter ook nog aan zulke chemische