Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
ORGANISCHE STOFEEN.
420. In den zaadkorrel, dien wij in het voorjaar in den grond
brengen , liggen wonderbare en geheimzinnige krachten verborgen.
In vochtige aarde gebragt, begint hij op te zwellen en doet eene
tecdere kiem te voorschijn treden, waarvan een deel zich in don
grond door eene of meerdere takken verspreidt cn vasthecht, ter-
wijl het andere deel zich naar boven verlengt en allengs tot ccnc
krachtige plant opgroeit, die bladeren , bloemen en nieuwe levens-
vatbare zaden voortbrengt. Dc bodem, waarin zij staat, voert
haar door de wortels de voedende bestanddeelen toe, die het re-
genwater daaruit oplost, de bladeren zuigen luchtvormig voedsel
uit den dampkring. Beide worden in de plant vervormd, ver-
anderd , herschapen in de nieuwe stoffen, die de plant zamen-
stellen ; de luehtvormige bestauddeelen van den dampkring zijn iu
vaste plantenstoffcn veranderd.
Het dier voedt zich hoofdzakelijk met plantenstoffcn : het brengt
die in zijne maag, doet ze in eene vloeibare massa overgaan,
die als een algemeen voedingsvocht door zijn geheele ligchaam
wordt verspreid. De lucht treedt bij dc ademhaling met het bloed
iu aanraking, voert er zuurstof aan toe cn ontneemt er koolzuur
aan. Op zijnen weg door het ligchaam voedt en onderhoudt het
bloed de verschillende organen , waaruit het bestaat. De planten-
stoffcn gaan in bestanddeelen van het dierlijke ligchaam over,
en worden do dragers van de hoogere vermogens , die het dier
boven de plant bezit. Zenuwen, hersenen, spieren worden door
voeding in staat gesteld, om den arbeid te verrigten, waartoe zij
bij het dier en den menseh bestemd zijn. De levensverrigtingen
eehter , zoowel de stoffelijke als de geestelijke, gaan gepaard met
verbruik van stof in de organen , die daarbij worden ingespannen :