Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
*apHs
334 Ztvcire metalen.
voege er eenige droppelen platinaoplossing bij: ook liier ontstaat,
even als in 393 , een geel onoplosbaar nederslag; dat nit potassium ,
platina en chloor bestaat. Platinaoplossing is derhalve een rea-
gens op potasch- en ammoniazouten (393). Door zwavelwater-
stofwater wordt platinaoplossing zwart gepraecipiteerd (zwavel-
platina).
Met zuurstof geeft het platina een oxyde eu een oxydule, even
zoo met chloor een chloride en een chloruur.
PALLADIUM, IEB.IDIUM, KHODIUII EN OSMIUM.
396. Deze vier metalen zijn als het ware de trawanten van
het platina, men vindt ze in kleine hoeveelheden altijd onder het
ruwe platinazand, en zij worden bij de zuivering van hetzelve
door vrij uitvoerige bewerkingen gewonnen. Zij dragen het ka-
rakter der edele metalen.
OVEKZIGT VAN DE TWEEDE GROEP DER ZWARE METALEN.
1) De metalen lood, bismuth, koper, kwikzilver, zilver, goud
en platina bezittende eigenschap niet van het water te ontleden,
zoo als de metalen der eerste groep: men moet, om dezelve op
te lossen, derhalve geconcentreerde zuren aanwenden.
2) De laagste oxydatietrappen dezer metalen zijn bases, de
hoogere daarentegen verhouden zich nu eens als bases, dan als
zuren.
3) In de natuur komen deze metalen meestal onverbonden
(gedegen) voor of als zwavelmetalen, zelden als oxyden.
4) Hun specifiek gewigt is grooter dan dat der vroeger be-
schrevene metalen: het ligt tusschen 8,8 en 21,5. (Het iridium
heeft zelf 23,0.)
5) Door zwavelwaterstofwater en zwavelwaterstofammonia wor-
den zij allen als zwarte zwavelmetalen nedergeslagen: de zwavel-
metalen van goud en platina worden door zwavelwaterstofammonia
■weder opgelost.
6) De metalen kwikzilver, zilver, goud en platina en de laatst
vermelde begeleiders van het platina, worden edele metalen ge-
aoemd, omdat zij aan de lucht en in water hun glaas behouden.