Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
302
. Zware mtalen.
loodzout, den loodsuiker (198): het kristalliseert gewoonlijk in
Fig. 153.

vierzijdige zuilen. Laat men het aan de lueht liggen,
zoo wordt er door het koolzuur van dezelve een weinig
azijnzuur uitgedreven en het zout geeft dan in water
eene troebele oplossing die echter helder wordt, wan-
neer men er eenige droppels azijnzuur bijvoegt.
Basisch azijnzuur loodoxyde ontstaat, wanneer men
eene oplossing van loodsuiker met loodoxyde digereert,
waarbij nog loodoxyde opgelost wordt. In vloeibaren
staat vindt men deze verbinding als loodazijn of loodextract in
de apotheken. Met welwater vermengd ontstaat daaruit het zoo-
genaamde Eau de Goulard, dat er melkachtig uitziet, daar door
het koolzuur van het water een weinig koolzuur loodoxyde gevormd
en afgescheiden wordt.
339. Wijnsteenzuur loodoxyde. Froef. Men vermenge eene op-
lossing van 2» drachme loodsuiker met eene oplossing van 1 drachme
wijnsteenzuur; het witte nederslag wordt afgefiltreerd, uitgewasschen
en gedroogd. Het is onoplosbaar wijnsteenzuur loodoxyde.
Froef. Een klein fleschje wordt voor met droog wijnsteen-
zuur loodoxyde gevuld, in een zandbad geplaatst en boven eene
spiritusvlam zoo lang verhit, als er nog dampen ontwijken. Deze
rieken brandig en branden met eene
blaauwe vlam , daar er veel kooloxy de-
gas bij is, hetwelk zich bij de verko-
ling van het wijnsteenzuur vormt. Het
wijnsteenzuur bevat echter zooveel kool-
stof , dat er een gedeelte van innig ge-
mengd met het gereduceerde lood terug-
blijft. De verkregene zwarte massa is
een pyrophoor, d. i. zij verbrandt van
zelf, wanneer men ze op eenen steen
werpt, daar zij wegens hare groote po-
reusheid met groote begeerte zuurstof uit de lucht inzuigt. Het
bij het verglimmen gevormde poeder is loodoxyde. Wordt het
flesehje, terwijl het nog heet is, gesloten, zoo behoudt het lood
deze eigenschap dagen lang.
Loodoxydehydraat. Froef. Giet men in salmiakgeest eene op-
lossing van loodsuiker, zoo lang er nog een nederslag ontstaat,
zoo verkrijgt men loodoxydehydraat als een wit poeder. Bij ver-
hitting gaat het tot geel watervrij loodoxyde over.