Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
Specifiek geicigt.
23
het ijzer moet dus onder water ligter geworden zijn. Woog het
ijzer in de lueht 1} N.
lood, zoo zal men, juist
zoo als in de vorige proef,
eveneens 2 wigtjes van de
schaal a moeten afnemen
of op de schaal b aanbren-
gen , om de balans weder
in het evenwigt te bren-
gen , dus juist zoo veel als
eene hoeveelheid water
weegt, die even veel ruimte
inneemt als het stuk ijzer.
Men krijgt derhalve het-
zelfde gewigtsverlies, het-
zij men het water uit het
glas of slechts ter zijde dringt. Dit maakt weder den deeler uit
waarmede men 15, het gewigt van ijzer in de lucht, te deelen
15
heeft, om het specifiek gewigt zoo als boven — = 7,5 te vinden.
2
27. Elk ligchaam wordt in het water zoo veel ligter, als de
hoeveelheid water weegt, welke het verdringt; dit is eene natuur-
wet. Verdringt een ligchaam eene hoeveelheid water , die minder
weegt dan zijn eigen gewigt bedraagt, zoo moet het in het water
zinken, verdringt het meer, zoo zal het drijven. Zelfs zeer zware
ligchamen kunnen door vergrooting van hun volume drijvend
gemaakt worden; mt ijzer bouwt men schepen , ofschoon het bijna
8 maal zwaarder is dan water; een drinkglas drijft op het water,
en toch is het specifiek gewigt vau het glas 3 of 4 maal grooter
dan dat vau het water. 1 Lood ijzer verliest in water nagenoeg
1 van zijn gewigt; slaat men het tot een hol bakje uit, zooda-
nig, dat Jiet 8 maal meer water verdringt en dus 8 maal meer
verliest, zoo zal het drijven, maar tot aan den rand in het water
zinken. Wordt het nu nog eens zoo sterk uitgehold, zoo dat het
2 lood water verdringt, dus het dubbel van zijn eigen gewigt,
zoo zal het slechts tot de helft zinken, en men kan het met een
lood gewigt belasten, eer het zinkt.
28. Een en hetzelfde ligchaam zal evenwel in verschillende
vloeistoffen meer of mindér diep zinken , in ligterc , die minder