Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
298 . Zware mtalen.
gemeen, dat zij in de gloeiMttc of bij aanwezigheid van een zuur
het water ontleden (waterontledende metalen) ; om ze op te lossen
gebruikt men derhalve verdunde zuren.
2) Hunne laagste oxydatietrappen zijn sterke bases.
3) Geen dezer metalen komt gedegen in de natuur voor: zij
worden meestal als oxyden, derhalve met de zuurstof verbonden,
aangetroffen.
4) Hun specifiek gewigt is 0,8—8,8.
5) IJzer, mangaan, zink, kobalt en nikkel worden uit hunne
zure oplossingen niet door zwavelwaterstofwater, maar slechts door
zwavelwaterstofammonia als zwavelmetalcn nedergeslagen (alle
overige zware metalen worden door beide vloeistoffen nedergesla-
gen). Deze verhouding wordt als een gewigtig scheidingsmiddcl
der genoemde (electropositievc) metalen van de overige (electro-
negatieve) in de enalytische chemie gebruikt.
TWEEDE GROEP DER ZWARE METALEN.
4
LOOD, Plunibum (Pb).
(Aeq. gew. = 1294. — Spec. gew. = 11,5.)
330. Naast het ijzer is het lood het meest verbreide en goed-
koopste metaal: daarbij is het hoogst nuttig, niet alleen omdat
wij cr schroot en boekdrukkersletters uit gieten en cr zwavelzuur-
kamers uit bouwen, maar ook wegens de vele nuttige verbindin-
gen , die het met zuurstof en met zuren vormt. Tegen dc gezond-
heid van den mensch treedt het als een verborgen en verleidende
vijand op , daar het zijne schadelijke werkingen achter ecnen zoeten
smaak, die aan het meerendeel van zijne verbindingen eigen is,
verbergt. Ook vertoonen zich de gevolgen niet terstond, wanneer
het lood in het ligchaam komt, maar dikwijls eerst na jaren
(loodkoliek). Men rekent het om deze reden tot de slepende ver-
giften. Hierom vergeleek men het vroeger ook met den god des
tijds en gaf het den naam Saturnus. De uitwendige eigenschap-
pen van het lood, glans, gemakkelijke smeltbaarheid, aanzienlijk
gewigt enz., zijn bekend genoeg. Wij begeven ons derhalve ter-
stond tot zijn chemisch karakter.