Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
2SÜ
Zware metalen.
oxyde overgaan. Wanneer het aangewende zuur een zuurstofzuur
is, b. v. zwavelzuur of phosphorzuur, dan ontwijkt deze zuurstof
in vrijen toestand, maar wanneer men een waterstofzuur daartoe
gebruikt, dan wordt de waterstof van dit laatste door die zuur-
stof tot water geoxydeerd , en het halogeen wordt vrijgesteld.
Daarom krijgt men bij verhitting vau bruinsteen met zwavelzuur
zuurstof, met zoutzuur echter chloor,
In de glasblazerijen wordt dikwijls bruinsteen in het gesmolten
glas geworpen, om het zwarte of donkergroene flesschenglas geel
of oranjekleurig te maken, hetgeen men hooger schat dan het don-
kere. Ook hier wordt door het bruinsteen eene oxydatie bewerkt.
Hetgeen het glas donker kleurt is ijzeroxydule, en het bruinsteen
oxydeert dit tot oxyde, welk laatste den glasvloed geel of bruin
kleurt. Daarom noemen de glasblazers het bruinsteen glazema-
kerszeep. Kleine hoeveelheden van hetzelve geven aan het glas
eene violette kleur; op deze wijze maakt men kunstmatige ame-
thisten.
Proef. Men menge 1 drachme loodglit, 1 drachme leem en \
drachme fijngewreven bruinsteen met water te zamen, zoodat er
eene dunne brij uit ontstaat, waarmede men een stuk van eene
dakpan bestiijkt. Legt men hu dit stuk tusschen gloeijende ko-
len of verhit men het op eene plaats sterk voor de blaasbms, zoo
smelt de massa en vormt na bekoeling eene glanzende zwarte,
bij minder bruinsteen eene bruine korst. Zoo maken de potte-
bakkers hunne bruine of zwarte glazuur, en hiervan wordt den
naam bruinsteen afgeleid.
298. Mangaanmetaal. (Mn). Door hevig verhitten van bruin-
steen met kool kan men daaraan het geheele zuurstofgehalte
ontnemen, en verkrijgt dan een graauwwit broos metaal, dat nog
moeijelijker te smelten is dan ijzer, Manganesium(Mn).
Verdere mangaanverbindingen.
299. Proef Men menge in een porceleinen schaaltje | lood
Tig. 146. fijngewreven bruinsteen met y lood zwavel-
zuur en verhitte het mengsel eerst een kwar-
tier uur zacht, dan een uur sterk. Na het
bekoelen kookt men de zwarte massa met
water, filtreert en dampt de oplossing tot
droogwordens toe uit, tegen het einde steeds
ft^ omroerende: het roodachtig witte poeder ia
^ zwavelzuur maugaauoxydulc(MnO,SO^-^4HO).