Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
IJzer eu cyan. 277
hardheid, dat het zich niet meer vijlen laat : er vormt zich na-
melijk door de koolstof van het cyan eene staalkorst op het
ijzer. Deze eenvoudige wijze van vcrstaling is bijzonder geschikt
om ijzeren landbouwgereedschappen eene grootere hardheid en
duurzaamheid te geven.
293. Rood bloedloogenzout of potassium-ijzercyanide onder-
scheidt zich van het voorgaande zout daardoor, dat het in plaats
van ijzercyanuur ijzercyanide bevat. Het geeft met ijzeroxydule-
zouten een donkerblaauw nederslag, met de ijzeroxydezouten echter
niet, en het wordt derhalve, behalye tot hetblaauwverwen (bleu
français), ook als de reagens op ijzeroxydulezouten en tot ouder-
scheiding van deze van de ijzeroxydezouten gebruikt.
IJZER EN ZWAVEL.
294. Proef. Enkelvoudig zwavelijzer (FeS). Men druppele bij
eene oplossing van ijzervitriool zwavelwaterstofwater, er ontstaat
geen nederslag, door zwavelwaterstofammonia verkrijgt men echter
een donkerzwart praecipitaat. Dit is enkelvoudig zwavelijzer.
De verbindingen der zware metalen met zwavel zijn in allen
water onoplosbaar, maar die der .waterontledende metalen (ijzer
mangaan, zink, kobalt, nikkel) zijn in verdunde zuren oplosbaar.
Daaruit volgt, dat de oplossingen van zouten dezer metalen niet
door zwavelwaterstof kuunen worden nedergeslagen, want het
zuur, dat zou worden afgescheiden, indien de basis met zwavel-
waterstof verbonden werd, zoude onmiddelijk de gevormde zwa-
velverbinding weder oplossen.
B. V. ijzervitriool is SO» -f PeO
komt daarbij HS SH
dan zou zich kunnen vormen SO' HO en FeS,
maar het zuur lost onmiddellijk het zwavelijzer weder op. Bij de
eleotro-uegatieve metalen heeft dit niet plaats, daar hunne zwa-
velverbindingen ook in zuren onoplosbaar zijn.
Voegt men echter bij de oplossing van het ijzer zout behalve
zwavelwaterstof ook nog eene basis, of voegt men er onmiddelijk
zwavelwaterstof ammonia bij, dan vindt het zwavelzuur eene basis,
waarmede het zich vereenigen kan en waardoor het het vermogen
om het zwavelijzer op te lossen verliest. Er wordt iu dit geval
onmiddellijk zwavelijzer afgescheiden. (Vergelijk hiermede dc proe-
ven op pag. 105 vermeld.)