Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
272 Zicare vietalen.
daar men ter bereiding van inkt gewoonlijk geen ijzeroxydezout,
maar ijzervitriool aanwendt. Doopt men een linnen lapje eerst in
galnotentinctuur en dan in ijzeroplossing, zoo vormt zich het
zwarte nederslag aan de vezelen zelve en hecht zich daaraan zoo
vast, dat het zich er niet meer laat uitwasschen. Op deze wijze
verwt men algemeen kleederen, leder, haar enz. zwart of graauw,
en daarom hebben de ijzerzouten, en wel voornamelijk het ijzer-
vitriool , een zoo groot gewigt in de verwerijen en drukkerijen.
286. Salpeterzuur ijzeroxyde (Ee,O,, 3N0,). Dit zout wordt
verkregen, wanneer men zoo lang ijzervijzel in verdund sterk
water werpt, als het nog opgelost wordt. In het salpeterzuur
vindt het ijzer overvloedige zuurstof en dus gelegenheid, om zich
zoo hoog mogelijk te oxyderen: het wordt derhalve oxyde. De
bruine oplossing wordt als bijtmiddel in de verwerijen gebruikt.
Laat men eenen droppel salpeterzuur op ruwijzer, staal of smeed-
ijzer vallen, zoo ontstaan er zwarte vlekken, daar het ijzer zich
oplost, maar de kool niet; bij het ruwijzer zijn de vlekken het
donkerst, bij het staafijzer het zwakst. Om te onderzoeken,
hoeveel kool het ijzer bezat, behoeft men derhalve slechts eene
gewogene hoeveelheid in verdund salpeterzuur op te lossen, en
de achterblijvende kool te wegen.
287. Azijnzuur ijzeroxyde kan direct door oplossing van ijzer-
oxydehydraat in azijnzuur verkregen worden. Met wijngeest en
aether vermengd ontstaat daaruit de als geneesmiddel bekende
Klaproth'sehe ijzertinetuur. Wanneer de schoenmaker bier op
ijzeren spijkers giet, om zich ijzerzwart te bereiden, waarmede
hij zijn leder zwart maakt, zoo verkrijgt hij ook azijnzuur ijzer-
1 oxyde: het bier wordt namelijk onder den invloed der lucht azijn
j en het ijzer ijzeroxyde. Het leder is eene verbinding der huid
met looizuur; komt het derhalve met een ijzerzout te zamen, zoo
moet zich zwart looizuur ijzeroxyde vormen (inkt). Voor de ver-
werijen stelt men tegenwoordig veelal een ijzerbijtmiddel daar,
iy< door geroest ijzer in houtazijn op te lossen.
288. Phosphorzuur ijzeroxydule bereidt men door eene oplos-
sing van ijzervitriool met eene oplossing van phosphorzure soda
te vermengen: het witte nederslag wordt door opneming van zuur-
stof langzamerhand blaauw (phosphorzuur ijzeroxydul-oxyde, ijzer-
blaauw, blaauwaarde). Dit zout komt in vele kleisoorten voor
en is voor een deel de oorzaak van de blaauwe kleur, die zij
dikwijls vertoonen.