Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
lAgtn metalen.
2e orde, b. v. zouten; uit de vereeniging van zouten met zouten
ontstaan verbindingen der 3e orde, b. v. dubbelzouten. Iets der-
gelijks vinden wij ook in de taal. Uit letters vormen wij lettergre-
pen, uit lettergrepen woorden,uit woorden zamengestelde woorden.
Jlet hier volgende schema zal deze vergelijking ophelderen.
Dubbel- I Zameng.
zouten 1 woorden
Zouten
Oxyden
Verbind, der 3e orde
Element.
Verbindingen der 2e orde
Verbindingen der Ie orde
Woorden
Lettergrepen
Letters
Enkelvoudige ligcliamen._Enkelvoudige teekens.
Het ons reeds bekende dubbelzout soda-aluin biedt een goed
voorbeeld aan, om zoowel in een chemisch als in een taalkundig
opzigt den trapsgewijzen overgang van het enkelvoudige tot het
zamcngestelde op te helderen.
Chemisch voorbeeld. Taalkundig voorbeeld,
Enkelv. ligch. en teek. Na,Al,, 0,S s, d, 1, n, a, o, i,u,
(metalen) (nietmetal.) (medeklinkers) (klinkers)
Verbinding, der Ie orde NaO,AljOj, SO, so, da, a,luiu
(bases) (luur) (lettergrepen)
Verbinding, dor 2e orde NaO,SO., AU0,,3S0, soda, aluin.
(zouten) (woorden)
Verbinding, der 3e orde NaO,SO. -|-A1,0„3S0, soda-aluin.
(dubbelzout) (lameng. woord)
268. Wanneer elementen zich chemisch met elkander verbin-
den, zoo geschiedt dit altijd in bepaalde, onveranderlijke gewigts-
hoeveelheden. In het water vinden wij steeds 12| lood waterstof
met 100 lood zuurstof verbonden, waar cn hoe het ook voorkome,
in bronnen of in de zee, als ijs of als damp. Bereiden wij het
kunstmatig , door waterstof in zuurstof te verbranden , zoo behoe-
ven wij juist dezelfde hoeveelheid der beide gassen, namelijk op
12^. lood, pond of grein waterstof 100 lood, pond of grein zuur-
stof. Nemen wij 13 lood waterstof, zoo blijft cr i lood water-
stof over, nemen wij 101 lood zuurstof, zoo blijft er 1 lood zuur-
stof over. De gebrande kalk bevat steeds op 250 lood calcium
100 loo^ zuurstof, hetzij men hem uit manner, uit kalksteen,