Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
Ooerzigt otm de alkaliën, 217
7) Do koolzure alkaliën zijn gemakkelijk oplosbaar in water,
smaken ook loogaebtig en reageren basisch.
85 Potaseh en soda geven, met zand gesmolten, glas en met
vet eene zeep, die in water oplosbaar is.
9) De meeste zouten, die de alkaliën vormen, zijn in water
oplosbaar. Van de potaschzouten zijn de meesten luehtbestendig,
eenigen vervloeibaar, van desodazouten bevatten de meesten veel
kristalwater en verweeren.
10) Potaseh- cn sodazouten zijn in de hitte niet vlugtig, do
ammoniazouten echter wel.
11) Eene zwakkere basis kan dikwijls aan eene sterkere het
zuur ontnemen, wanneer zij met hetzelve eene onoplosbare ver-
binding aangaat.
II. METALEJV DER AARDALKALIËN.
CALCIUM (Ca).
(Acq. gew. = 250 (lialkmetaal). — Sjicc. gew. = 7.)
Krijt, of koolzure kalk (CaO,CO,).
237. Dat het krijt uit koolzuren kalk bestaat, is reeds bekende
het diende bij vele der voorgaande proeven ter ontwikkeling van
koolzuur. Dezelfde bestanddeelen vinden wij ook in den gewone»
kalksteen, in het marmer en de schelpen. Geheele gebergten
bestaan uit kalksteen, geheele landen hebben eenen kalk- of krijt-
bodem : dc koolzure kalk is een hoofdbestanddeel van onzen aard-
Fig. 128. bodem. Wij vinden koolzuren kalk ook door-
schijnend en gekristalliseerd cn noemen hem dan
kalkspaath. De groote verscheidenheid, die deze
steenen, bij gelijke zamenstelling, in uiterlijke
eigenschappen vertoonen, kan ons niet bevreem-
den , wanneer wij bedenken , dat wij bij onze
gewone suiker een dergelijk verschil opmerken: in de kandij
hebben wij haar gekristalliseerd, in de broodsuiker korrelig kris-
tallijn, in de bonbons glasachtig, in de gewone suiker poeder-
vormig. Alle kalksteenen bruisen op, wanneer men er eenig
zuur op droppelt, en laten zich daardoor gemakkelijk van andere
steenen onderscheiden. Bestrijkt men eenen kalksteen op eenige.