Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
200
Liyle 'uietalen.
mVt
»lugtig
niot
Tlugtig
eeue geelachtige kleur oplost. De kool neemt iu de gloeihitte de
zuurstof van de soda en van het zwavelzuur weg en vormt daar-
mede kooloxydegas, hetwelk
'lugUs onder opbruising ontwijkt. So-
dium en zwavel blijven te za-
men verbonden terug. Men
zegt: de kool desoxydeert of
reduceert de zwavelzure soda
tot zwavelsodium (sodalever).
.Droppelt men zoutzuur of verdund zwavelzuur bij deze oplos-
sing , zoo ontwikkelt zich een onaangename reuk naar zwavel-
waterstof, even als bij de potaschz^vavellever (215). Laat men
de vloeistof nu op eene glas-
I vlugtig plaat verdampen , zoo bekomt
men kleine teerlingen v an keu-
kenzout , of als mén zwavel-
zuur gebruikt heeft, kristallen
van glauberzout.
Koolzure soda (JJaO,CO'-flOHO).
220. Proef. Men bereide nog eens zwavelsodium op de aan-
gegevene wijze , wrijve het met het aanhangende koolpoeder met
ongeveer even zooveel krijt in een mortier te zamen en verhitte
het wederom voor de blaasbuis. De te zamen gebakken zout-
massa wordt met water gekookt en de vloeistof gefiltreerd. Op
het filtrum blijft een graauw poeder terug, dat met zoutzuur zwa-
velwaterstofgas ontwikkelt; het bevat zwavelcaleium, metcalcium-
oxyde verbonden, en is in water onoplosbaar. De vloeistof laat
na verdamping op eene glasplaat een wit zout terug, hetwelk
alkalisch reageert en met zoutzuur opbruist, zonder evenwel
daarbij onaangenaam te rieken: dit is koolzure soda. De zwavel
is alzoo op het calcium van het krijt overgegaan, maar de zuur-
stof van het laatste op het sodium. Uit deze bewerking ziet men,
dat men ook in de scheikunde, even als in het dagelijksehe le-
ven, dikwijls langs omwegen iets bereiken kan, hetwelk langs
deu directen weg niet te verkrijgen is. Het sodium heeft eene
sterkere aifiniteit tot chloor dan tot zuurstof, en wij kunnen der-
halve uit het keukenzout niet direct koolzure soda daarstellen,
maar wij kunnen gemakkelijk door zwavelzuur liet haloïdezout in
een zuurstofzout, in zwavelzure soda, veranderen. Hieruit laat
ïich het sterke zwavelzuur niet direct verdrijven; wij ontleden